Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Vraag of bedrijfsongeval wel heeft plaatsgevonden. Bewijslast. Ontbreken…
Hoge Raad, 10 juni 2016
ECLI:NL:HR:2016:1137 · Hoge Raad · 10 juni 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2016-1137
Zaakgegevens
Op 10 juni 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 juni 2016
- Datum publicatie
- 9 juni 2016
- Zaaknummer
- 15/03233
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. K Teuben, mr. S.F. Sagel
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2016:1137
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Vraag of bedrijfsongeval wel heeft plaatsgevonden. Bewijslast. Ontbreken ongevalsrapportage; passeren bewijsaanbod.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 25 maart 2016
ECLI:NL:PHR:2016:161Hoge Raad · 10 juni 2016deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2016:1137
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
10 juni 2016
Eerste Kamer
15/03233
LZ/RB
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. K. Teuben,
t e g e n
1. Curaçao General Contractors N.V.,
gevestigd te Curaçao,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen,
e n
2. MNO VERVAT CURAÇAO N.V.,
gevestigd te Curaçao,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. S.F. Sagel.
Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en verweersters ieder afzonderlijk als CGC en MNO.
1 Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikkingen in de zaak 56382/2012 van het gerecht in eerste aanleg van Curaçao van 8 mei 2013 en 17 november 2014,
b. de beschikking in de zaak Ghis: 56382 – H 02/15 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba van 28 april 2015.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
MNO heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 8 april 2016 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van MNO begroot op € 845,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, en aan de zijde van CGC op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheer C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 10 juni 2016.