Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Huwelijkse voorwaarden met periodiek verrekenbeding. Art. 1:141…

Hoge Raad, 24 juni 2016

Zaakgegevens

Op 24 juni 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 juni 2016
Datum publicatie
23 juni 2016
Zaaknummer
15/02624
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. M.E Bruning, mr. B.J. van Dorp
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:1287
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Huwelijkse voorwaarden met periodiek verrekenbeding. Art. 1:141 BW. Peildatum; begrip “winst uit onderneming”; investering in gemeenschappelijke woning.

Procesgang

  1. Uitspraak · 2015

    ECLI:NL:GHAMS:2015:1481
  2. Conclusie A-G · 25 maart 2016

    ECLI:NL:PHR:2016:160
  3. Hoge Raad · 24 juni 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:1287

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

24 juni 2016

Eerste Kamer

15/02624

LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[de man],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. M.E. Bruning,

t e g e n

[de vrouw],
wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. B.J. van Dorp.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikkingen in de zaak C/13/491365 / FA RK 11-4376 van de rechtbank Amsterdam van 28 november 2012 en 11 december 2013;

b. de beschikking in de zaak 200.143.156/01 van het gerechtshof Amsterdam van 10 maart 2015.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vrouw heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping.

De advocaat van de man heeft bij brief van 8 april 2016 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 24 juni 2016.