Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid van (middellijk) bestuurder in verband met o.a…

Hoge Raad, 9 december 2016

Zaakgegevens

Op 9 december 2016 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 december 2016
Datum publicatie
8 december 2016
Zaaknummer
15/04186
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
mr. T.T van Zanten, mr. A.H.M. van den Steenhoven
ECLI
ECLI:NL:HR:2016:2831
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid van (middellijk) bestuurder in verband met o.a. verkoop van de onderneming en een dividenduitkering?

Procesgang

  1. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 12 mei 2015

    ECLI:NL:GHSHE:2015:1695
  2. Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 26 mei 2015

    ECLI:NL:GHSHE:2015:1927
  3. Conclusie A-G · 21 oktober 2016

    ECLI:NL:PHR:2016:1141
  4. Hoge Raad · 9 december 2016deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2016:2831

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

9 december 2016

Eerste Kamer

15/04186

EE/JS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser] ,
wonende te [woonplaats] ,

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. T.T. van Zanten,

t e g e n

[verweerster] ,
wonende te [woonplaats] ,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. A.H.M. van den Steenhoven.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerster] .

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak C/02/260466/HA ZA 13-146 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 29 mei 2013 en 30 december 2013;

b. de arresten in de zaak HD 200.143.594/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 29 april 2014 en 12 mei 2015, laatstgenoemd verbeterd bij arrest van 26 mei 2015.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 12 mei 2015 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep.

3 Beoordeling van het middel

3.1

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 2.008,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 9 december 2016.