Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Was aanspannen procedure door rechter tegen journalist onrechtmatig?…
Hoge Raad, 19 april 2019
ECLI:NL:HR:2019:648 · Hoge Raad · 19 april 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2019-648
Zaakgegevens
Op 19 april 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 april 2019
- Datum publicatie
- 19 april 2019
- Zaaknummer
- 18/01538
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:648
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Was aanspannen procedure door rechter tegen journalist onrechtmatig? Samenhang met ECLI:NL:HR:2018:2160 en ECLI:NL:HR:2018:2047.
Procesgang
Rechtbank Amsterdam · 19 februari 2014
ECLI:NL:RBAMS:2014:834Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 8 september 2015
ECLI:NL:GHSHE:2015:3479Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 16 januari 2018
ECLI:NL:GHSHE:2018:101Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 15 februari 2019
ECLI:NL:PHR:2019:192Hoge Raad · 19 april 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:648
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 26 mei 2020
ECLI:NL:GHSHE:2020:1629
Uitspraak
19 april 2019
Eerste Kamer
18/01538
TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[eiser],
wonende te Den Haag,
EISER tot cassatie,
advocaten: mr. J.P. Heering en mr. R.P.J.L. Tjittes,
t e g e n
[verweerder],
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/13/531910/HA ZA 12-1488 van de rechtbank Amsterdam van 24 juli 2013, 7 augustus 2013 en 19 februari 2014;
b. het arrest in de zaak 200.151.409/01 van het gerechtshof Den Haag van 16 juni 2015;
b. de arresten in de zaak 200.172.773/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 8 september 2015 en 16 januari 2018.
Het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van16 januari 2018 is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 16 januari 2018 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 19 april 2019.