Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Recht van eerste koop onroerende zaak. Uitleg overeenkomst.

Hoge Raad, 8 mei 2020

Zaakgegevens

Op 8 mei 2020 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
8 mei 2020
Datum publicatie
7 mei 2020
Zaaknummer
19/03771
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
J. van Weerden
ECLI
ECLI:NL:HR:2020:833
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Recht van eerste koop onroerende zaak. Uitleg overeenkomst.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 14 mei 2019

    ECLI:NL:GHARL:2019:4162
  2. Conclusie A-G · 6 maart 2020

    ECLI:NL:PHR:2020:227
  3. Hoge Raad · 8 mei 2020deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2020:833

    Conclusie gevolgd · Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 19/03771

Datum 8 mei 2020

ARREST

In de zaak van

1. [Voorkeursgerechtigde 1],
wonende te [woonplaats],

2. [Voorkeursgerechtigde 2],
wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

hierna gezamenlijk: [Voorkeursgerechtigden],

advocaat: J. van Weerden,

tegen

[Eigenaresse],
wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: [Eigenaresse],

niet verschenen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak C/08/179583/HA ZA 15-628 van de kantonrechter te Almelo van 10 februari 2016 en 1 juni 2016;

  2. de arresten in de zaak 200.198.121 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 april 2018 en 14 mei 2019.

[Voorkeursgerechtigden] hebben tegen het arrest van het hof van 14 mei 2019 beroep in cassatie ingesteld.

Tegen [Eigenaresse] is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [Voorkeursgerechtigden] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;

  • veroordeelt [Voorkeursgerechtigden] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [Eigenaresse] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 8 mei 2020.