Goederenrecht
Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Geschil tussen buren over eigendom strook grond. Uitleg van leveringsakte…
Hoge Raad, 6 oktober 2023
ECLI:NL:HR:2023:1379 · Hoge Raad · 6 oktober 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/goederenrecht/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2023-1379
Zaakgegevens
Op 6 oktober 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over goederenrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 6 oktober 2023
- Datum publicatie
- 5 oktober 2023
- Zaaknummer
- 22/03057
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Goederenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- Advocaat
- A.C van Schaick, J.C. Zevenberg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2023:1379
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Geschil tussen buren over eigendom strook grond. Uitleg van leveringsakte. Miskenning van art. 3:119 lid 2 BW?
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 5 juli 2022
ECLI:NL:GHSHE:2022:2202Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 7 juli 2023
ECLI:NL:PHR:2023:669Hoge Raad · 6 oktober 2023deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2023:1379
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/03057
Datum 6 oktober 2023
ARREST
In de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: A.C. van Schaick,
tegen
1. [verweerder 1],
wonende te [woonplaats],
2. [verweerster 2],
wonende te [woonplaats],
3. [verweerder 3],
wonende te [woonplaats],
4. [verweerster 4],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
hierna: [verweerders],
advocaat: J.C. Zevenberg.
1 Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak 8143135 \ CV EXPL 19-7644 van de rechtbank Oost-Brabant van 6 februari 2020 en 20 augustus 2020;
b. het arrest in de zaak 200.302.676/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 5 juli 2022.
[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerders] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor [verweerders] toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 355,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 6 oktober 2023.