Strafrecht overig

Gewapende woningoverval op twee hoogbejaarde broers in Wijhe in 2014. Middelen m.b.t. opgave b.m. a.b.i. art…

Zaakgegevens

Op 4 juli 2017 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
4 juli 2017
Datum publicatie
6 juli 2017
Zaaknummer
16/01063
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2017:1248
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Gewapende woningoverval op twee hoogbejaarde broers in Wijhe in 2014. Middelen m.b.t. opgave b.m. a.b.i. art. 359.3 Sv en betrokkenheid verdachte bij overval. HR: art. 80a RO. Samenhang met 16/01152.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 12 februari 2016

    ECLI:NL:GHARL:2016:1078
  2. Conclusie A-G · 4 april 2017

    ECLI:NL:PHR:2017:595
  3. Hoge Raad · 4 juli 2017deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2017:1248

    Conclusie gevolgd · Niet ontvankelijk

Uitspraak

Inhoudsopgave

4 juli 2017

Strafkamer

nr. S 16/01063

KD/EC

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 12 februari 2016, nummer 21/003279-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A.W. Syrier, advocaat te Utrecht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep met toepassing van art. 80a RO niet-ontvankelijk zal worden verklaard.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is vastgesteld op 27 juni 2017 en gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 juli 2017.