Strafrecht overig

Gewapende overval op supermarkt in Groningen. Afpersing, art. 317.1 Sr. 1. Betwisting deskundigheid van…

Zaakgegevens

Op 8 oktober 2019 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
8 oktober 2019
Datum publicatie
9 oktober 2019
Zaaknummer
17/05415
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2019:1556
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Gewapende overval op supermarkt in Groningen. Afpersing, art. 317.1 Sr. 1. Betwisting deskundigheid van deskundige en betrouwbaarheid van onderzoeksmethode. 2. Vordering b.p. Toewijzing vordering b.p. begrijpelijk in het licht van verklaring van b.p. ttz. in h.b. dat zij reeds schadeloos is gesteld? HR: art. 81.1 RO.

Procesgang

  1. Rechtbank Noord-Nederland · 13 april 2015

    ECLI:NL:RBNNE:2015:1785
  2. Rechtbank Midden-Nederland · 30 juni 2015

    ECLI:NL:RBMNE:2015:4800
  3. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 9 november 2017

    ECLI:NL:GHARL:2017:9969

    Overig

  4. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 22 november 2017

    ECLI:NL:GHARL:2017:10229
  5. Conclusie A-G · 2 juli 2019

    ECLI:NL:PHR:2019:686
  6. Hoge Raad · 8 oktober 2019deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2019:1556

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 17/05415

Datum 8 oktober 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 9 november 2017, nummer 21/002486-15, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1965,

hierna: de verdachte.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de aan de verdachte opgelegde straf, tot vermindering daarvan aan de hand van de gebruikelijke maatstaf, en tot verwerping van het beroep voor het overige.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak

De verdachte bevindt zich in voorlopige hechtenis. De Hoge Raad doet uitspraak nadat meer dan zestien maanden zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. Dat brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM is overschreden. Dit moet leiden tot vermindering van de aan de verdachte opgelegde gevangenisstraf van vier jaren.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de duur van de opgelegde gevangenisstraf;

- vermindert deze in die zin dat deze drie jaren en zeven maanden beloopt;

- verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 8 oktober 2019.