Strafrecht overig
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op lampen onder één van de klaagsters (Zwitserse vennootschap en Slowaakse…
ECLI:NL:HR:2022:1914 · Hoge Raad · 20 december 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2022-1914
Zaakgegevens
Op 20 december 2022 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 20 december 2022
- Datum publicatie
- 20 december 2022
- Zaaknummer
- 20/03871
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2022:1914
Samenvatting
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op lampen onder één van de klaagsters (Zwitserse vennootschap en Slowaakse vennootschap) t.z.v. verdenking van voorbereidingshandelingen t.a.v. hennepteelt. Ontvankelijkheid cassatieberoep na machtiging tot vernietiging a.b.i. art. 117 Sv, art. 134.2.c Sv. HR: Om redenen vermeld in CAG is beroep n-o. CAG: Uit ingewonnen inlichtingen en gelet op art. 117 Sv blijkt dat beslag rechtsgeldig is beëindigd o.g.v. art. 134.2.c Sv. Dat betekent dat Rb de klaagsters n-o had dienen te verklaren in hun beklag a.b.i. art. 552a Sv en klaagsters n-o zijn in cassatieberoep.
Klaagsters n-o.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 22 november 2022
ECLI:NL:PHR:2022:1078Hoge Raad · 20 december 2022deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2022:1914
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 20/03871 B
Datum 20 december 2022
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Limburg van 3 november 2020, nummer RK 20/557 en RK 20/1566, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
de vennootschap naar Zwitsers recht ‘ [klaagster 1] ’,
gevestigd te [vestigingsplaats] en
de vennootschap naar Slowaaks recht [klaagster 2] ,
gevestigd te [vestigingsplaats],
hierna: de klaagsters.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klaagsters. Namens deze heeft I.T.H.L. van de Bergh, advocaat te Maastricht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de klaagsters in hun cassatieberoep.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Het beroep is niet-ontvankelijk. De redenen daarvoor staan in de conclusie van de advocaat-generaal.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 december 2022.