Strafrecht overig

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. weigering bloedonderzoek, meermalen gepleegd (art. 163.6 WVW 1994) en…

Hoge Raad, 4 juli 2023

Zaakgegevens

Op 4 juli 2023 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
4 juli 2023
Datum publicatie
26 juni 2023
Zaaknummer
22/01947
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:985
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. weigering bloedonderzoek, meermalen gepleegd (art. 163.6 WVW 1994) en snelheidsovertreding (art. 62 jo. bord A1 RVV 1990). Dubbel verstek. Aanwezigheidsrecht, detentie in buitenland (Frankrijk) uit anderen hoofde gebleken uit in cassatie overgelegde stukken. Oproeping voor nadere tz. in hoger beroep is uitgereikt aan medewerker OM met verzending van afschrift van oproeping aan laatst opgegeven woon- of verblijfplaats van verdachte in Nederland, terwijl verdachte niet is verschenen op tz. in h.b. maar niet-gemachtigde raadsman wel. HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Uit de aan cassatieschriftuur gehechte stukken (te weten een ‘certificat de presence’ van penitentiaire inrichting in Fleury-Mérogis (Frankrijk) van 23-2-2023, inhoudende dat verdachte van 24-4-2022 tot 3-6-2022 in deze penitentiaire inrichting heeft verbleven, en mailwisseling tussen raadsman en Franse justitiële autoriteiten) moet worden afgeleid dat verdachte t.t.v. behandeling van zijn zaak in h.b. in verband met andere strafzaak was gedetineerd, zodat ’s hofs beslissing om tegen verdachte verstek te verlenen en onderzoek ttz. voort te zetten, achteraf bezien onjuist was.

Volgt vernietiging en terugwijzing.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 6 juni 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:445
  2. Hoge Raad · 4 juli 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:985

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 22/01947

Datum 4 juli 2023

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 mei 2022, nummer 20-001207-21, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G.J.P.M. Mooren, advocaat te Tilburg, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1

Het cassatiemiddel klaagt dat het hof ten onrechte verstek heeft verleend tegen de niet-verschenen verdachte.

2.2

Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof;

- wijst de zaak terug naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.E.M. Röttgering en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 juli 2023.