Strafrecht overig
OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op “cryptowallet” met “bitcoins” ter waarde van € 10.097.515 onder…
ECLI:NL:HR:2025:402 · Hoge Raad · 18 maart 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2025-402
Zaakgegevens
Op 18 maart 2025 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 18 maart 2025
- Datum publicatie
- 14 maart 2025
- Zaaknummer
- 24/00179
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2025:402
Samenvatting
OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op “cryptowallet” met “bitcoins” ter waarde van € 10.097.515 onder klager t.z.v. verdenking van witwassen. Ontvankelijkheid cassatieberoep, beëindiging beslag in cassatiefase. Nadat AG haar conclusie had genomen, heeft OM bij brief van 17-1-2025 aan griffie HR laten weten dat beslag inmiddels is beëindigd. Dit brengt met zich dat OM geen belang meer heeft bij oordeel van HR over voorgestelde cassatiemiddelen. Beroep moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
Klager n-o.
Procesgang
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 7 januari 2025
ECLI:NL:PHR:2025:19Hoge Raad · 18 maart 2025deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2025:402
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/00179 B
Datum 18 maart 2025
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam van 12 december 2023, nummer RK 22/016641, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970,
hierna: de klager.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door het openbaar ministerie. Het heeft bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot terugwijzing naar de rechtbank Rotterdam teneinde op het bestaande beklag opnieuw te worden behandeld en afgedaan.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Het cassatieberoep is gericht tegen een beschikking van de rechtbank van 12 december 2023 waarbij een klaagschrift van de klager dat strekt tot teruggave van de in die beschikking genoemde inbeslaggenomen voorwerpen, gegrond is verklaard.
Nadat de advocaat-generaal haar conclusie had genomen, heeft het openbaar ministerie bij brief van 17 januari 2025 aan de griffie van de Hoge Raad laten weten dat het beslag inmiddels is beëindigd. Dit brengt met zich dat het openbaar ministerie geen belang meer heeft bij een oordeel van de Hoge Raad over de voorgestelde cassatiemiddelen. Het beroep moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 maart 2025.