Civiel recht overig
KG geschil tussan aannemer en onderaannemer in een door de Belastingdienst uitgeschreven aanbesteding. Het…
Rechtbank Amsterdam, 5 november 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:10922 · Rechtbank Amsterdam · 5 november 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-amsterdam/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbams-2026-10922
Zaakgegevens
Op 5 november 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank AmsterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 5 november 2026
- Datum publicatie
- 5 november 2026
- Zaaknummer
- C/13/794694 / KG ZA 26-866
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. D.C.J. Bogerd, mr. D.K. Nijhuis
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2026:10922
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
KG geschil tussan aannemer en onderaannemer in een door de Belastingdienst uitgeschreven aanbesteding. Het wordt de onderaannemer verboden om rechtstreeks contact te hebben met de Belastingdienst. Ook heeft de onderaannemer een beding overtreden waarin staat dat zij geen personeel van de aannemer mag overenemen.
Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/794694 / KG ZA 26-866 MK/MV
Vonnis in kort geding van 5 november 2026
in de zaak van
CIMSOLUTIONS B.V.,
te Vianen,
eisende partij bij dagvaarding van 9 oktober 2026,
hierna te noemen: Cimsolutions,
advocaat: mr. D.C.J. Bogerd,
tegen
THE NEXTGEN B.V.,
te Amsterdam,
gedaagde partij,
hierna te noemen: The NextGen,
advocaat: mr. D.K. Nijhuis.
1 De procedure
Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding op 22 oktober 2026 heeft Cimsolutions de dagvaarding toegelicht. The NextGen heeft mede aan de hand van een vooraf ingediende conclusie van antwoord verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht en vragen van de voorzieningenrechter beantwoord.
Bij de mondelinge behandeling waren aanwezig:
aan de zijde van Cimsolutions: [naam 1], [naam 2] en [naam 3] met mr. Bogerd;
aan de zijde van The NextGen: [naam 4] en [naam 5] met mr. Nijhuis.
Na verder debat is vonnis bepaald op 5 november 2026.
2 De feiten
De activiteiten van Cimsolutions bestaan in hoofdzaak uit het detacheren van ICT-personeel bij haar klanten.
In 2025 is na een aanbestedingsprocedure aan Cimsolutions (waarbij zij een combinatie vormde met SLTN IT Professionals B.V.) de opdracht gegund om ICT-personeel te plaatsen bij de Belastingdienst, Douane en Toeslagen (BDT). Cimsolutions heeft hiertoe een raamovereenkomst gesloten met BDT. Bij die raamovereenkomst behoort het Dossier Afspraken en Procedures (DAP).
Cimsolutions maakt bij de uitvoering van de opdracht van BDT gebruik van onderaannemers, waarvan The NextGen er een is.
In april/mei 2025 hebben Cimsolutions en The NextGen een zogenoemde
“Onderaannemer-overeenkomst aangaande de Europese aanbesteding volgens de openbare procedure voor de tijdelijke inhuur van ICT-Professionals ten behoeve van de Europese aanbesteding volgens de openbare procedure voor de tijdelijke inhuur van ICT-Professionals ten behoeve van Belastingdienst, Douane en Toeslagen (…)” met twee addenda (hierna de overeenkomst) ondertekend. De overeenkomst bevat onder meer de volgende bepalingen:
CIMSOLUTIONS fungeert in de Aanbesteding en uitvoering van de eventueel te sluiten Raamovereenkomst als Penvoerder, Project-/Accountmanager en gesprekspartner naar IUC-EZK en Belastingdienst, Douane en Toeslagen en is te dien aanzien volledig extern bevoegd om binnen het doel en in het belang van de te plaatsen aanbiedingen en de te resulteren opdrachten ter uitvoering van de Raamovereenkomst bij IUC-EZK en Belastingdienst, Douane en Toeslagen het Consortium en Onderaannemer te binden.
Namens Combinanten zal de heer [naam 3] van CIMSOLUTIONS als Accountmanager contacten onderhouden met IUC-EZK en Belastingdienst, Douane en Toeslagen. Namens Combinanten zal de heer [naam 6] van CIMSOLUTIONS als vervangend Accountmanager contacten onderhouden met IUC-EZK en Belastingdienst, Douane
En Toeslagen.
Namens The NextGen B.V. zal de heer [naam 7] de contacten onderhouden met CIMSOLUTIONS.
5.3 Geen van de Partners mag tijdens de looptijd van de deze overeenkomst en binnen een periode van 12 maanden daarna personeel van de andere Partner overnemen, noch dit personeel op directe of indirecte wijze voor zich laten werken anders dan met voorafgaande schriftelijke toestemming van de andere Partner.
[naam 8] was in dienst van Cimsolutions in de functie van Senior Systeemontwerper. Op 23 juli 2026 heeft hij zijn arbeidsovereenkomst bij Cimsolutions opgezegd. Per 1 oktober 2026 is hij in dienst getreden bij The NextGen en gedetacheerd bij Rijkswaterstaat.
Bij e-mail van 24 juli 2026 heeft Cimsolutions onder meer het volgende medegedeeld aan [naam 8]:
Tijdens ons gesprek van gisteren gaf jij aan dat jij benaderd was door onze leverancier en tevens concurrent NextGen voor een Midlance opdracht.
Dit werd gisteren bevestigd door NextGen. Ze hebben jou zelfs twee keer benaderd! Wij hebben NextGen hierop direct aangesproken omdat zij hiermee in strijd hebben gehandeld met de afspraak om geen medewerkers van CIMSOLUTIONS direct of indirect voor zich te laten werken of een poging daartoe doen.
(…)
Het is jou niet toegestaan is om direct of indirect via NextGen of via of voor een andere concurrent noch relatie van CIMSOLUTIONS te werken. Daarnaast is het jou niet toegestaan direct of indirect voor of bij een klant of relatie van CIMSOLUTIONS te werken.
CIMSOLUTIONS zal je volledig en onverkort houden aan het met jou afgesproken concurrentie- en relatiebeding.
Bij aangetekende brief van 24 juli 2026 heeft Cimsolutions onder meer het volgende medegedeeld aan The NextGen:
CIMSOLUTIONS B.V. heeft vastgesteld dat The NextGen B.V. recent nog een medewerker, in dienst van CIMSOLUTIONS B.V., heeft benaderd en/of heeft getracht te bewegen tot indiensttreding, samenwerking of het verrichten van werkzaamheden buiten de tussen partijen overeengekomen contractuele kaders.
Deze handelswijze is in strijd met artikel 5.3 van de tussen partijen gesloten Onderaannemerovereenkomst betreffende de Europese aanbesteding voor de tijdelijke inhuur van ICT-professionals ten behoeve van de Belastingdienst, Douane en Toeslagen. In dit artikel is uitdrukkelijk overeengekomen dat geen van de partners gedurende de looptijd van de overeenkomst en gedurende een periode van twaalf maanden daarna personeel van
de andere partner zal overnemen of direct dan wel indirect voor zich zal laten werken zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de andere partner.
(…)
Daarnaast kwalificeert een dergelijke handelwijze als een ernstige schending van de tussen partijen gemaakte afspraken en ondermijnt deze het vertrouwen dat noodzakelijk is voor een succesvolle samenwerking binnen het consortium.
(…)
CIMSOLUTIONS B.V. verzoekt en sommeert The NextGen B.V. om:
1. iedere directe of indirecte benadering van medewerkers van CIMSOLUTIONS B.V. onmiddellijk te staken en gestaakt te houden;
2. Schriftelijk te bevestigen dat dergelijke benaderingen niet langer zullen plaatsvinden;
3. Alle maatregelen te treffen die noodzakelijk zijn om verdere overtredingen van de overeenkomst te voorkomen.
Op 10 augustus 2026 heeft Cimsolutions een klacht ontvangen van BDT. Hierin staat onder meer:
We ontvangen signalen dat leverancier Nextgen veelvuldig rechtstreeks contact opneemt met inhurende managers binnen de Belastingdienst.
Daarbij wordt gebruikgemaakt van namen van inhurende managers die uit inhuuraanvragen zijn gehaald. Juist vanwege eerdere ervaringen met dergelijke proactieve benaderingen is de naam van de inhurende manager uit de inhuuraanvraag verwijderd.
Tijdens de aanbesteding heeft CIM aangegeven Nextgen als onderaannemer in te zetten. Daarom verzoeken wij jullie om deze partij hierop aan te spreken en duidelijk te maken dat een proactieve benadering van inhurende managers door de Belastingdienst niet op prijs wordt gesteld.
Wij gaan ervan uit dat de afgesproken werkwijze wordt gerespecteerd en dat dergelijke benaderingen achterwege blijven.
Op 20 augustus 2026 heeft Cimsolutions een tweede klacht ontvangen van BDT. Hierin staat onder meer:
Wij spraken elkaar gisteren over eerdere klachten betreffende Nextgen. Tot mijn verbazing is er gisteren opnieuw contact opgenomen met een manager van de Belastingdienst, waarbij proactief cv’s zijn aangeboden.
Deze werkwijze keuren wij af. Ik begrijp dat ook jullie afstand nemen van deze werkwijze.
Ik ontvang graag informatie over de opvolging van dit incident en de eventuele maatregelen die worden genomen om herhaling te voorkomen.
2.10. Deze klachten zijn ingediend naar aanleiding van (onder meer) de volgende e-mail die door een medewerker van The NextGen naar BDT is gestuurd:
Wij kennen elkaar nog niet, maar hopelijk kun je mijn manier van benadering waarderen! Ik mail even omdat wij nauw samenwerken met de Belastingdienst, en ik uit ervaring weet dat er vanaf september vaak weer een hoop gaat spelen wat betreft aanvragen.
Nu is het zo wij momenteel 2 goede specialisten beschikbaar hebben waarvan ik overtuigd ben dat die van toegevoegde waarde zullen zijn binnen de Belastingdienst. Ik zou dan ook graag met jou willen kijken of we al een gesprekje met hem kunnen opzetten, zodat als je in september voornemens was om een aanvraag uit te zetten, we in elk geval zeker weten dat zij beschikbaar blijven!
Zullen we hier morgenochtend even kort over bellen?
Bij e-mail van 28 augustus 2026 heeft The NextGen onder meer het volgende aan Cimsolutions medegedeeld:
Allereerst excuses dat dit is gebeurd. Dit had niet mogen gebeuren, zeker niet na de afspraken die we op 11 augustus hebben gemaakt.
Na interne evaluatie is duidelijk geworden dat dit helaas een individuele actie van één accountmanager is geweest, buiten onze gebruikelijke werkwijze en afspraken om. Dit neemt niet weg dat we hier op dat moment onvoldoende grip op hebben gehad, en die verantwoordelijkheid ligt bij ons. We hebben inmiddels binnen het projectteam
Belastingdienst de afspraken aangescherpt en gaan dit strak monitoren.
We steken hier de hand dus volledig in eigen boezem. Tegelijk is een vruchtbare samenwerking iets van twee kanten, en daar wil ik open over zijn. De afgelopen 1,5 week heeft Rosalie (Accounteigenaar Belastingdienst) meerdere keren gebeld over lopende aanvragen, zonder dat ze te woord is gestaan of teruggebeld is. Daarnaast is het wekelijkse
operationele overleg voor de Belastingdienst uit de agenda verwijderd. Daardoor kunnen we al geruime tijd niet normaal communiceren over lopende aanvragen en processen.
Vandaar de eerlijke vraag: is er vanuit CIMSOLUTIONS nog vertrouwen om de samenwerking weer op te pakken, of is dat er niet meer? Dat horen we dan liever meteen. Is dat vertrouwen er nog, dan verwachten we ook een samenwerking die daarbij hoort, en zien we bovenstaande punten graag op hele korte termijn weer op orde.
Op 7 oktober 2026 heeft BDT wederom een klacht ingediend bij Cimsolutions, die als volgt luidt:
NextGen heeft vorige week opnieuw contact opgenomen met de inhurende manager om zijn IT-professionals onder de aandacht te brengen. Deze manager heeft in het verleden al meerdere keren aangegeven hiervan niet gediend te zijn. Uit ons telefoongesprek begreep ik dat Cimsolutions hier inmiddels de nodige acties op heeft ondernomen.
3 Het geschil
Cimsolutions vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
I. The NextGen te veroordeelt tot onverkorte nakoming van het met Cimsolutions
overeengekomen non-overnamebeding;
II. The NextGen veroordeelt om de samenwerking met de heer [naam 8] (hetzij door
hem middels een arbeidsovereenkomst of een andersoortige overeenkomst, hetzij
door hem op directe of indirecte wijze voor The NextGen te laten werken) te staken en gestaakt te houden gedurende de looptijd van het non-overnamebeding:
III. bepaalt dat The NextGen bij iedere overtreding van de veroordelingen onder (I) en/of (II) een dwangsom verbeurt van € 50.000 per overtreding, vermeerderd met een
bedrag van € 5.000 per dag of deel daarvan dat de overtreding voortduurt, met een maximum van € 250.000, althans een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen hoogte;
IV. The NextGen veroordeelt tot onverkorte nakoming van de met Cimsolutions
overeengekomen contactafspraken (artikel 1.3 en Addendum 2 onderaannemers-
overeenkomst) inzake BDT;
V. The NextGen verbiedt om na betekening van het vonnis, direct of indirect, contact te zoeken of te onderhouden met BDT of diens medewerkers, anders dan via Cimsolutions, ter zake van detachering of terbeschikkingstelling van kandidaten, gedurende de looptijd van de onderaannemers-overeenkomst;
VI. The NextGen verbiedt om na betekening van dit vonnis, direct of indirect, zelfstandig of via aan haar gelieerde (rechts)personen, arbeidskrachten aan te bieden aan BDT buiten Cimsolutions om die valt onder de reikwijdte van de tussen partijen gesloten
Onderaannemers-overeenkomst;
VII. bepaalt dat The NextGen bij iedere overtreding van de veroordelingen onder (IV)
en/of (V) en/of (VI) een dwangsom verbeurt van € 50.000 per overtreding, vermeerderd met een bedrag van € 5.000 per dag of deel daarvan dat de overtreding voortduurt, met een maximum van € 250.000, althans een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen hoogte;
VIII. The NextGen veroordeelt tot betaling van de kosten van dit geding, waaronder
begrepen de nakosten en het salaris voor de advocaat, te vermeerderen met de
wettelijke rente over deze kosten vanaf veertien dagen na de datum van dit vonnis
tot aan de dag der algehele voldoening.
Cimsolutions legt aan haar vorderingen – samengevat weergegeven – het volgende ten grondslag. [naam 8] was in dienst van Cimsolutions en had daar toegang tot concurrentiegevoelige informatie. Nadat zijn arbeidsovereenkomst met Cimsolutions was geëindigd, is hij door The NextGen gedetacheerd bij Rijkswaterstaat. Dit vormt een rechtstreekse schending van artikel 5.3 van de overeenkomst. [naam 8] heeft hierdoor eveneens het concurrentie- en relatiebeding dat was opgenomen in zijn arbeidsovereenkomst met Cimsolutions geschonden. Daarnaast is gebleken dat The NextGen de afspraken met Cimsolutions schendt door BDT direct te benaderen met pogingen om voor te sorteren op mogelijkheden om personeel van The NextGen bij BDT te laten werken. Dit is onder meer in strijd met artikel 1.3 van de overeenkomst en in strijd met de in de raamovereenkomst en de overeengekomen rolverdeling tussen partijen, die onder meer inhoudt dat alleen Cimsolutions contact mag onderhouden met BDT. Die rolverdeling is nodig om een gelijke behandeling en transparante mededinging te bewerkstelligen. Omdat BDT hier aan hecht heeft zij meerdere keren geklaagd bij Cimsolutions. Uit het bericht van BDT van 7 oktober 2026 (zie 2.12) blijkt bovendien dat The NextGen volhardt in deze werkwijze. Cimsolutions heeft om die reden een spoedeisend belang bij toewijzing van haar vorderingen.
The NextGen heeft – samengevat weergegeven – het volgende verweer gevoerd. Het is de geëigende werkwijze in de branche dat BDT en The NextGen rechtstreeks contact hebben met elkaar. Dit draagt juist bij aan het maken van de juiste match en dus aan het succes van de samenwerking. Dit contact wordt ook geïnitieerd door de hiring managers van BDT. Indien uiteindelijk sprake is van een match, wordt de desbetreffende persoon via Cimsolutions bij BDT geplaatst. The NextGen brengt dan een ‘warme stoel’ bij Cimsolutions. Ten aanzien van [naam 8] heeft The NextGen het volgende aangevoerd. Artikel 5.3 van de overeenkomst (een zogenoemde non-poach beding) wordt door de ACM gezien als een verboden mededingingsbeperking. Dit artikel is in strijd met het kartelverbod van artikel 6 lid 1 Mededingingswet en in strijd met artikel 101 lid 1 VWEU. Het beding is dus nietig. Het beding is niet noodzakelijk voor de samenwerking tussen Cimsolutions en The NextGen. Ook wordt het beding door Cimsolutions veel te ruim uitgelegd omdat [naam 8], in het kader van deze aanbesteding, nooit bij BDT heeft gewerkt. Overigens beschikt [naam 8] niet over concurrentiegevoelige informatie van Cimsolutions en heeft hij zelf op LinkedIn zijn ‘label’ op ‘open to work’ gezet.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4 De beoordeling
De vorderingen van Cimsolutions zijn in dit kort geding toewijsbaar indien voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter de vorderingen eveneens zal toewijzen en Cimsolutions hierbij een spoedeisend belang heeft.
het in dienst nemen van [naam 8] is in strijd met de overeenkomst
De eerste kwestie tussen partijen is de vraag of The NextGen met het in dienst nemen van [naam 8] in strijd met artikel 5.3 van de overeenkomst heeft gehandeld.
Het verweer van The NextGen dat artikel 5.3 van de overeenkomst strijdig is met de artikelen 6 lid 1 Mededingingswet en 101 lid 1 VWEU en daarom een nietig beding is, slaagt niet. Het beding dat in artikel 5.3 is opgenomen kan weliswaar de concurrentie beperken, maar gezien de bewoordingen van het beding en de economische context waarin het is overeengekomen, schiet het verweer van The NextGen tekort. Het had op haar weg gelegen een gedegen onderbouwing te geven van de economische en juridische context in verband met de aard van de betrokken diensten, de omvang van de betrokken markt(en), de daadwerkelijke voorwaarden voor het functioneren en de structuur van de betrokken markt(en) en hoe die beïnvloed wordt door de gestelde beperking van de concurrentie. Dat alles heeft zij onvoldoende gedaan, zodat een voldoende adequaat en gefundeerd (economisch) partijdebat en een daarop volgend rechterlijk oordeel niet mogelijk is. Daarbij is ook van belang dat het hier om een kort geding gaat wat maakt dat naar zijn aard een uitgebreid gedetailleerd debat niet mogelijk is.
Verder is de voorzieningenrechter – anders dan The NextGen – van oordeel dat artikel 5.3 van de overeenkomst ruim moet worden uitgelegd en dat het door The NextGen in dienst nemen van [naam 8] in strijd is met dit artikel. Of [naam 8] wel of niet actief benaderd is door The NextGen (partijen hebben daar een genuanceerde andere visie op) kan in het midden blijven. Vast staat immers dat [naam 8] in dienst was van Cimsolutions en sinds 1 oktober 2026 in dienst is van The NextGen. Bovendien wist The NextGen in ieder geval met ontvangst van de brief van 24 juli 2026 (zie 2.7) dat zij [naam 8] niet in dienst mocht nemen volgens Cimsolutions. Daarmee heeft The NextGen in strijd met artikel 5.3 van de overeenkomst gehandeld. De vorderingen die zien op [naam 8] zullen dan ook op de hierna te vermelden wijze worden toegewezen.
rechtstreeks contact met BDT in strijd met de overeenkomst
De tweede kwestie die partijen verdeeld houdt is of het rechtstreekse contact tussen The NextGen en BDT in strijd is met de overeenkomst.
Dat rechtsreeks contact heeft plaatsgevonden staat niet ter discussie.
Het verweer van The NextGen ziet er in de kern op dat rechtsreeks contact al bestond en mocht worden voortgezet, dat rechtsreeks contact ook in het belang van Cimsolutions is omdat de bestaande relaties van The NextGen zo kunnen worden benut binnen de samenwerking en dat The NextGen niet heeft hoeven begrijpen dat deze werkwijze die kenmerkend is voor The NextGen (en waarvan Cimsolutions op de hoogte was) onder de overeenkomst niet meer mogelijk was.
Dit verweer wordt gepasseerd. De overeenkomst is gesloten in het kader van een succesvol doorlopen aanbestedingsprocedure. De werkwijze die in dat kader met de overeenkomst is vastgelegd houdt in dat Cimsolutions als gesprekspartner fungeert (namens de combinanten en The NextGen) en het contact onderhoudt met BDT. Het is The NextGen alleen toegestaan contact te hebben met Cimsolutions en niet met BDT. De plaatsingsprocedure houdt ook in dat kandidaten worden aangeboden via Cimsolutions. Dat het gebruikelijk is dat onderaannemers ook direct contact onderhouden met BDT (en zodoende een ‘warme stoel’ kunnen aanbrengen), zoals The NextGen heeft aangevoerd, blijkt voorshands niet uit de berichten van BDT die in het geding zijn gebracht. In tegendeel: deze berichten laten zien dat BDT juist last heeft van deze werkwijze en wil dat dit stopt. Een en ander is ook strijdig met de ratio van de opdracht die op basis van een aanbestedingsprocedure is gegund: gelijke behandeling en transparante mededinging. Verwezen wordt naar de verklaring van [naam 3], accountmanager van Cimsolutions. In die verklaring wordt uitgelegd dat in de aanbesteding is uitgegaan van een gecentraliseerd inhuurproces en dat een aanvraag gelijktijdig wordt uitgezet onder alle opdrachtnemers. Het rechtstreeks aanbieden van een kandidaat door The NextGen past niet in de werkwijze die in de raamovereenkomst en in de daarbij behorende documenten is neergelegd, dit alles ter voorkoming van vriendjespolitiek en informele bevoordeling. Ook brengt deze werkwijze van The NextGen het risico mee dat Cimsolutions als opdrachtnemer door BDT wordt aangesproken op gedragingen van haar onderaannemer, dit alles aldus de verklaring van [naam 3]. Dat risico heeft zich gematerialiseerd (zie 2.8, 2.9 en 2.12). Dat contact met BDT is toegestaan inzake mensen die The NextGen al gedetacheerd had bij BDT voordat de overeenkomst met Cimsolutions gesloten werd kan de voorzieningenrechter volgen. De overeenkomst bevat ook een bepaling over reeds gedetacheerde personen. Maar dat is iets wezenlijks anders dan het meer dan eens benaderen van medewerkers van BDT die nog niet bekend zijn met The NextGen om te inventariseren of mogelijkheden bestaan voor een nieuwe opdracht voor medewerkers van The NextGen.
Dit betekent dat het verweer wordt gepasseerd. The NextGen heeft de overeenkomst niet zo mogen begrijpen dat wat zij deed was toegestaan. Dat is in strijd met de overeenkomst en dit maakt dat Cimsolutions voldoende belang heeft bij toewijzing van haar vorderingen die zien op het contact met BDT. Dit belang wordt versterkt door de klachten die BDT aan Cimsolutions heeft gestuurd over de handelswijze van The NextGen wat afstraalt op Cimsolutions.
Cimsolutions heeft, gezien hetgeen zij hierover heeft aangevoerd, een spoedeisend belang bij toewijzing van haar vorderingen.
Aan de uit te spreken veroordelingen zullen geen dwangsommen worden verbonden. Dit vonnis maakt duidelijk dat wat The NextGen heeft gedaan in strijd is met de overeenkomst. De voorzieningenrechter gaat ervan uit dat The NextGen in de toekomst met inachtneming van de inhoud van dit vonnis zal opereren. Dit is ook in haar eigen belang om de samenwerking en de verstandhouding met Cimsolutions goed te houden.
The NextGen is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Cimsolutions worden begroot op:
|
- kosten van de dagvaarding |
€ |
128,65 |
|
|
- griffierecht |
€ |
735,00 |
|
|
- salaris advocaat |
€ |
1.177,00 |
|
|
- nakosten |
€ |
189,00 |
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) |
|
Totaal |
€ |
2.229,65 |
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5 De beslissing
De voorzieningenrechter
veroordeelt The NextGen tot onverkorte nakoming van het non-overnamebeding opgenomen in artikel 5.3 van de overeenkomst,
veroordeelt The NextGen om de samenwerking met de heer [naam 8] (hetzij door
hem middels een arbeidsovereenkomst of een andersoortige overeenkomst, hetzij
door hem op directe of indirecte wijze voor The NextGen te laten werken) te staken en gestaakt te houden gedurende de looptijd van het non-overnamebeding,
veroordeelt The NextGen tot onverkorte nakoming van de met Cimsolutions
overeengekomen contactafspraken (artikel 1.3 en addendum 2 van de overeenkomst) inzake BDT,
verbiedt The NextGen om na betekening van dit vonnis, direct of indirect, contact te zoeken of te onderhouden met BDT of diens medewerkers, anders dan via Cimsolutions, ter zake van detachering of terbeschikkingstelling van kandidaten, gedurende de looptijd van de overeenkomst,
verbiedt The NextGen om na betekening van dit vonnis, direct of indirect, zelfstandig of via aan haar gelieerde (rechts)personen, arbeidskrachten aan te bieden aan BDT buiten Cimsolutions om die valt onder de reikwijdte van de overeenkomst,
veroordeelt The NextGen in de proceskosten van € 2.229,65, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als The NextGen niet aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
veroordeelt The NextGen tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
|
Dit vonnis is gewezen door mr. M.L.S. Kalff, voorzieningenrechter, bijgestaan door
|
||