Personen- en familierecht

VCM afgewezen vanwege gelijktijdige behandeling met ZM.

Rechtbank Amsterdam, 23 februari 2026

Zaakgegevens

Op 23 februari 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
23 februari 2026
Datum publicatie
9 maart 2026
Zaaknummer
C/13/783548 / FA RK 26/1363
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Advocaat
mr. P. Jeeninga te Amsterdam
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2026:2401
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

VCM afgewezen vanwege gelijktijdige behandeling met ZM.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd

zaaknummer / rekestnummer: C/13/783548 / FA RK 26/1363

kenmerk: VCM/IND/194782

Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel

Beschikking van 23 februari 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1993 in [geboorteplaats] ,

wonende te [woonplaats] , [adres 1] ,

verblijvende te [verblijfplaats] , [adres 2] ,

hierna te noemen: betrokkene,

advocaat: mr. P. Jeeninga te Amsterdam,

zorgaanbieder: Arkin, locatie [locatie] .

1 Procesverloop

Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 18 februari 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 17 februari 2026 opgelegde crisismaatregel.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 23 februari 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder.

Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:

- betrokkene (telefonisch vanuit het cellencomplex in [plaats] );

- de raadsman;

- mw. [persoon] , arts;

- de zus van betrokkene.

Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2 Beoordeling

2.1.

De rechtbank overweegt dat gelijktijdig met het onderhavige verzoek, het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wvggz is behandeld (C/13/782432 / FA RK 26/654). Omdat de rechtbank het verzoek tot een zorgmachtiging heeft toegewezen, heeft de officier van justitie geen belang meer bij een beslissing op het verzoek tot het voortzetten van de crisismaatregel.

2.2.

Gelet op het voorgaande zal de machtiging tot het voortzetten van de crisismaatregel worden afgewezen.

3 Beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is op 23 februari 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. E. Diepraam, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 27 februari 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.