Verbintenissenrecht

Vordering tandarts afgewezen. Betwisting door gedaagde van ontvangst en accordering schriftelijke begroting…

Rechtbank Amsterdam, 24 februari 2026

Zaakgegevens

Op 24 februari 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
24 februari 2026
Datum publicatie
25 februari 2026
Zaaknummer
11909751 \ CV EXPL 25-13591
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2026:2010
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vordering tandarts afgewezen. Betwisting door gedaagde van ontvangst en accordering schriftelijke begroting van de kosten van de behandeling. Uitsluitend is vast komen te staan dat een mondelinge begroting is gegeven, die veel lager was. De kantonrechter is onjuist voorgelicht.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Civiel recht

Kantonrechter

Zaaknummer: 11909751 \ CV EXPL 25-13591

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 24 februari 2026

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

INFOMEDICS B.V.,

gevestigd te Almere,

eisende partij,

hierna te noemen: Infomedics,

gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten B.V.,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde] ,

procederend in persoon.


De zaak wordt behandeld door mr. L. van Berkum, kantonrechter, bijgestaan door

mr. S. Homringhausen als griffier.

Aanwezig zijn:

- [gemachtigde] , namens de gemachtigde van Infomedics, vergezeld door een collega,

- [gedaagde] .

Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht en vragen van de kantonrechter beantwoord. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de kantonrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.

1 De beoordeling

1.1.

[gedaagde] heeft op 26 november 2024 een tandheelkundige behandeling ondergaan bij zorgverlener Tandhart Amsterdam Noord (hierna: de tandarts). Hiervoor heeft Infomedics, die de vordering van de tandarts gecedeerd heeft gekregen, op 4 december 2024 een factuur van € 432,47 opgemaakt, waarvan de zorgverzekeraar van [gedaagde] € 250,00 heeft vergoed, zodat € 187,47 resteert.

1.2.

De kantonrechter moet ambtshalve, dat wil zeggen uit zichzelf, ook zonder dat partijen dat aan de orde hebben gesteld, het consumentenrecht toepassen. Onder andere moet worden getoetst aan de richtlijn oneerlijke bedingen (93/13/EG) of het beding over de prijs bij de totstandkoming van de overeenkomst voor de consument duidelijk en begrijpelijk (transparant) door de handelaar is medegedeeld. In dat verband moet worden onderzocht of [gedaagde] voorafgaand aan het sluiten van de mondheelkundige behandeling door de tandarts voldoende is geïnformeerd over de (bij benadering te verwachten) prijs van deze behandeling.

1.3.

Daarvoor is in de eerste plaats belangrijk om vast te stellen wat er precies is gebeurd. Vaststaat dat [gedaagde] is verzekerd voor mondzorg tot een bedrag van € 250,- en hij bij de tandarts een afspraak heeft gemaakt voor 26 november 2024 voor een controle en een gebitsreiniging. Deze heeft plaatsgevonden en daarbij zijn twee foto’s met diagnoses gemaakt en is vastgesteld dat hij vijf gaatjes had. [gedaagde] had last van maar één gaatje en heeft gevraagd wat het hem zou kosten om dat ene gaatje te vullen. Infomedics stelt, naar aanleiding van het verweer van [gedaagde] , dat de tandarts voorafgaand aan het vullen van het gaatje op diezelfde dag een schriftelijke begroting heeft gegeven van de kosten daarvoor, waarmee [gedaagde] volgens haar akkoord is gegaan. Infomedics overlegt ter onderbouwing van deze stelling een schriftelijk stuk, waarop te zien is dat deze behandeling is begroot op € 200,64. Daarin is niet vermeld of /dat de verzekering een gedeelte van deze kosten zou vergoeden. Onderaan dat stuk is ruimte voor het zetten van een handtekening voor akkoord, maar de overgelegde begroting is niet door partijen ondertekend. Verder is door Infomedics een printscreen van het patiëntendossier overgelegd, waarin staat dat op 27 november 2024 akkoord is gegaan met de begroting. Verder is door Infomedics een verklaring namens de tandarts overgelegd, waarin is vermeld dat [gedaagde] akkoord is gegaan met de schriftelijke begroting, die als bijlage is overgelegd.

1.4.

[gedaagde] heeft ter zitting gemotiveerd betwist de door Infomedics overgelegde schriftelijke begroting van de tandarts te hebben gezien, ontvangen of te hebben geaccordeerd voorafgaande aan het vullen van de kies op 26 november 2024. Volgens [gedaagde] heeft de tandarts hem daarentegen op die dag desgevraagd een mondelinge begroting gegeven. De tandarts liet [gedaagde] weten dat de gekozen tandheelkundige behandeling, naast de € 250,00 die de zorgverzekeraar van [gedaagde] zou vergoeden voor de gehele behandeling (inclusief controle en behandeling mondhygiëniste en inclusief het vullen van één gaatje) hem ongeveer € 60,00 zou gaan kosten. Daarmee heeft [gedaagde] ingestemd. Hij wilde na de behandeling dit bedrag pinnen, maar hem werd verteld dat dat niet mogelijk was en dat hij later voor dit bedrag een factuur zou ontvangen.

1.5.

De gemachtigde van Infomedics heeft ter zitting laten weten dat Infomedics blijft bij de schriftelijke toelichting van de tandarts. Nu [gedaagde] ter zitting echter betwist dat hij de schriftelijke begroting voorafgaand aan de tandheelkundige behandeling heeft gezien, ontvangen en geaccordeerd, de overgelegde schriftelijke begroting niet is ondertekend en de tandarts zelf niet ter zitting is verschenen om hierover een (nadere) toelichting te geven, heeft Infomedics tegenover de gemotiveerde betwisting van [gedaagde] onvoldoende gesteld dat het niet zo is gegaan als [gedaagde] ter zitting heeft verklaard. Op grond daarvan wordt dan ook vastgesteld dat de tandarts [gedaagde] enkel een mondelinge begroting heeft gegeven voor de kosten voor de behandeling inclusief het vullen van één gaatje, los van de maximale verzekeringsbijdrage, ten bedrage van € 60,-.

1.6.

Gevolg daarvan is dat de kantonrechter, alvorens het prijsbeding ambtshalve te toetsen, moet vaststellen dat Infomedics haar in deze procedure in strijd met de waarheid heeft voorgelicht. Dat geeft de kantonrechter aanleiding de vordering reeds daarom af te wijzen op grond van artikel 21 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

1.7.

Infomedics is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op nihil.

2 De beslissing

De kantonrechter

2.1.

wijst de vorderingen van Infomedics af,

2.2.

veroordeelt Infomedics in de proceskosten, die aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op nihil.

Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. L. van Berkum en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de kantonrechter en de griffier.

991