Europees strafrecht

Executie-EAB uit Tsjechië. Situatie als bedoeld in art. 12 sub d OLW. Overlevering toestaan.

Rechtbank Amsterdam, 21 mei 2025

Zaakgegevens

Op 21 mei 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak over europees strafrecht.

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
21 mei 2025
Datum publicatie
21 mei 2025
Zaaknummer
13-059047-25
Procedure
Eerste en enige aanleg
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:3319
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Executie-EAB uit Tsjechië. Situatie als bedoeld in art. 12 sub d OLW. Overlevering toestaan.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13-059047-25

Datum uitspraak: 21 mei 2025

UITSPRAAK

op de vordering van 6 maart 2025 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).

Dit EAB is uitgevaardigd op 22 mei 2023 door de Rechtbank Kladno, Tsjechische Republiek (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:

[opgeëiste persoon] ,

geboren op [geboortedag] 1986 te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),

inschrijvingsadres in de Basisregistratie Personen:

[BRP-adres] ,

hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1 Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 7 mei 2025, in aanwezigheid van mr. M. al Mansouri, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. M.L. van Gessel, advocaat in Amsterdam en door een tolk in de Tsjechische taal. De raadsman heeft geen verweren gevoerd met betrekking tot de inhoud van het EAB.

De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met dertig dagen verlengd.

Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen met gelijktijdige schorsing van dat bevel tot aan de uitspraak.

2 Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Tsjechische nationaliteit heeft.

3 Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB vermeldt een voor uitvoerlegging vatbaar vonnis: vonnis van de Rechtbank Kladno dd. 13 september 2022, dossier nr.: 6T 108/2022 - 159.

De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van twintig maanden, door de opgeëiste persoon nog volledig te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemd vonnis.

Dit vonnis betreft de feiten zoals die zijn omschreven in het EAB.

3.1

Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt vast dat het EAB strekt tot de tenuitvoerlegging van een vonnis terwijl de verdachte niet in persoon is verschenen bij het proces dat tot die beslissing heeft geleid, en dat - kort gezegd - is gewezen zonder dat zich één van de in artikel 12, sub a tot en met c, OLW genoemde omstandigheden heeft voorgedaan.

Op grond van artikel 12, sub d, OLW mag de rechtbank in dit geval de overlevering niet weigeren, als de uitvaardigende justitiële autoriteit heeft vermeld dat

( i) het betreffende vonnis na overlevering onverwijld aan de opgeëiste persoon zal worden betekend en hij uitdrukkelijk zal worden geïnformeerd over zijn recht op een verzetprocedure of een procedure in hoger beroep, waarbij hij het recht heeft aanwezig te zijn, waarop de zaak opnieuw ten gronde wordt behandeld en nieuw bewijsmateriaal wordt toegelaten, die kan leiden tot herziening van het oorspronkelijke vonnis en

( ii) de opgeëiste persoon wordt geïnformeerd over de termijn waarbinnen hij verzet of hoger beroep dient aan te tekenen, als vermeld in het desbetreffende Europees aanhoudingsbevel.

Het EAB vermeldt in het EAB in onderdeel d):

“3.4. de beslissing is niet persoonlijk aan de betrokkene betekend, maar

- de beslissing zal hem na overlevering onverwijld persoonlijk worden betekend, en

- de betrokkene zal na de betekening van de beslissing uitdrukkelijk worden geïnformeerd over zijn recht op een verzetprocedure of een procedure in hoger beroep waarbij hij het recht heeft aanwezig te zijn, waarbij de zaak opnieuw ten

gronde wordt behandeld en nieuw bewijsmateriaal wordt toegelaten, en die kan leiden

tot herziening van de oorspronkelijke beslissing, en

- de betrokkene zal geïnformeerd worden over de termijn waarover hij beschikt om

verzet of hoger beroep aan te tekenen, namelijk 8 dagen.

De rechtbank is met de officier van justitie en de raadsman van oordeel dat deze verklaring voldoet aan de eisen van artikel 12, sub d, OLW. De in dit artikel bedoelde weigeringsgrond doet zich daarom niet voor.

4 Strafbaarheid

De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft de feiten niet aangeduid als feiten waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW zijn neergelegd.

De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.

De feiten leveren naar Nederlands recht op:

opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder b van de Opiumwet gegeven verbod,
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder c van de Opiumwet gegeven verbod.

5 Slotsom

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW en er een garantie is gegeven als bedoeld in artikel 12 sub d OLW. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

6 Toepasselijke wetsbepalingen

De artikelen 2 en 10 Opiumwet en 2, 5 en 7 OLW.

7 Beslissing

STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan de Rechtbank Kladno, Tsjechische Republiek voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.

Deze uitspraak is gedaan door

mr. J.G. Vegter, voorzitter,

mrs. C. Klomp en D. Segbedzi, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D. Kloos, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 21 mei 2025.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Zie artikel 23 Overleveringswet. Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW. ÁG413121404796(È G413121404796 Zie onderdeel e) van het EAB.