Vreemdelingenrecht
regulier - voorlopige voorziening - 8:54 Awb - geen connexiteit met bodemprocedure, omdat reeds mondeling…
Rechtbank Den Haag, 27 oktober 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:17438 · Rechtbank Den Haag · 27 oktober 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2023-17438
Zaakgegevens
Op 27 oktober 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 27 oktober 2023
- Datum publicatie
- 15 november 2023
- Zaaknummer
- NL23.13796
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2023:17438
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
regulier - voorlopige voorziening - 8:54 Awb - geen connexiteit met bodemprocedure, omdat reeds mondeling uitspraak op het beroep is gedaan - verzoek niet-ontvankelijk.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.13796
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
V-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. A.M.V. Bandhoe),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
1. In deze uitspraak beoordeelt de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening (NL23.13796) dat door verzoeker is ingediend.
Verweerder heeft bij besluit van 13 december 2022 (het primaire besluit) vastgesteld dat verzoeker geen rechtmatig verblijf als Unieburger heeft in Nederland.
Met het besluit van 14 april 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder op het bezwaar van verzoeker beslist en is bij de vaststelling van geen rechtmatig verblijf gebleven.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep (NL23.13794) ingesteld bij de rechtbank. Tegelijkertijd heeft verzoeker de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening (NL23.13796) te treffen.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Partijen worden niet uitgenodigd voor een zitting in deze zaak, omdat dat op grond van artikel 8:83, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet nodig is.
3. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard, nu er op 11 oktober 2023 mondeling uitspraak is gedaan in het beroep en er daarom niet langer sprake is van de vereiste connexiteit als bedoeld in artikel 8:81 van de Awb.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. J.J.P. Bosman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.J.J. Roks, griffier.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak is geen verzet of hoger beroep mogelijk.