Vreemdelingenrecht
aanvullend TKB, eiseres is via het IOM teruggekeerd, wel procesbelang gelet op Afdelingsuitspraak van 6…
Rechtbank Den Haag, 6 juli 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:9785 · Rechtbank Den Haag · 6 juli 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2023-9785
Zaakgegevens
Op 6 juli 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 6 juli 2023
- Datum publicatie
- 6 juli 2023
- Zaaknummer
- NL23.13682
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2023:9785
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
aanvullend TKB, eiseres is via het IOM teruggekeerd, wel procesbelang gelet op Afdelingsuitspraak van 6 september 2012, ECLI:NL:RVS:2012:381, de gronden van beroep kunnen niet afdoen aan het bestreden besluit nu deze onvoldoende zijn toegespitst op hetgeen met het bestreden besluit wordt beoogd, beroep ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.13682
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiseres,
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. M. Rasul),
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(mr. A. Wildeboer).
Procesverloop
Bij besluit van 16 april 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan eiseres een aanvullend terugkeerbesluit opgelegd.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit op 5 mei 2023 beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft partijen uitgenodigd voor de zitting van 5 juli 2023. Partijen hebben bericht niet te zullen verschijnen. De rechtbank heeft vervolgens het onderzoek gesloten.
Overwegingen
1. Bij besluit van 19 augustus 2016 heeft verweerder de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel buiten behandeling gesteld en onder rechtsgevolgen vermeld dat dit besluit tevens geldt als terugkeerbesluit. In het besluit is geen land van terugkeer vermeld.
2. Op 16 april 2023 is eiseres, voorafgaand aan het opleggen van een maatregel tot bewaring, gehoord. Daarbij heeft eiseres naar voren gebracht dat zij geen asiel wil aanvragen en wil terugkeren naar Mongolië.
3. Bij het bestreden besluit heeft verweerder -samengevat- opgenomen dat de Nederlandse overheid zich zal richten op terugkeer naar Mongolië. Op 1 mei 2023 is eiseres vrijwillig met hulp van het IOM teruggekeerd naar Mongolië.
4. Gelet op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 6 september 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:381) zal procesbelang worden aangenomen. De gronden van beroep kunnen evenwel niet afdoen aan het bestreden besluit, reeds nu deze
onvoldoende zijn toegespitst op hetgeen met het bestreden besluit wordt beoogd.
5. Het beroep is ongegrond.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.W. Wassink, rechter, in aanwezigheid van R. de Boer, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking.