Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag · Eerste aanleg - enkelvoudig · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 7 augustus 2024

Zaakgegevens

Op 7 augustus 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
7 augustus 2024
Datum publicatie
7 augustus 2024
Zaaknummer
NL24.4104
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:12317
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verzet n-o.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.4104 V


uitspraak van de enkelvoudige kamer op het verzet van

[opposant] , opposant

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: [gemachtigde] ),

Procesverloop

Opposant heeft beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 19 oktober 2022.

Bij uitspraak van 5 juni 2024 heeft de rechtbank het beroep van opposant kennelijk niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Opposant heeft tegen deze uitspraak verzet ingesteld.

Opposant heeft niet verzocht om op een zitting te worden gehoord. De rechtbank doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:55, vierde lid, van de Awb.

Beoordeling door de rechtbank

1. In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van opposant niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank heeft daarbij geoordeeld dat de beslistermijn voor eiser op 19 januari 2024 zou eindigen. Opposant heeft op die datum, en daarmee te vroeg, een ingebrekestelling ingediend.

2. De rechtbank constateert dat opposant verweerder op 2 juli 2024 opnieuw in gebreke heeft gesteld. Vervolgens heeft hij op 17 juli 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door verweerder (zaaknummer NL24.28585). Gelet op dat beroep en de uitspraak die de rechtbank vandaag in die zaak heeft gedaan, heeft opposant geen procesbelang meer bij de beoordeling van het verzet in deze zaak. De rechtbank zal het verzet om die reden niet-ontvankelijk verklaren.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het verzet niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan op 6 augustus 2024 door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. A.J.J. Sterks, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

ECLI:NL:RBDHA:2024:12317 – Rechtbank Den Haag · Eerste aanleg - enkelvoudig ·… | Uitspraken.nl