Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag · Eerste aanleg - enkelvoudig · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 17 december 2024

Zaakgegevens

Op 17 december 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
17 december 2024
Datum publicatie
20 december 2024
Zaaknummer
NL24.47068, NL24.47070, NL24.47072 en NL24.47074
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:21685
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Dublin Duitsland verzoek

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummers: NL24.47068, NL24.47070, NL24.47072 en NL24.47074


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen

[verzoeker], verzoeker 1, V-nummer [V-nummer 1]

[verzoekster 1], verzoekster 1, V-nummer [V-nummer 2]

[verzoekster 2] , verzoekster 2, V-nummer [V-nummer 3]

mede namens haar minderjarige kind [naam], en

[verzoekster 3] , verzoekster 3, V-nummer [V-nummer 4]
tezamen te noemen: verzoekers

(gemachtigde: mr. R.E. Temmen),

en

de minister van Asiel en Migratie,

Procesverloop

Bij besluiten van 26 november 2024 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.


Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid van de Awb uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL24.47067, NL24.47069, NL24.47071 en NL24.47073, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 17 december 2024 door mr. M.L. Weerkamp, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. N.F. Kreeftmeijer, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Algemene wet bestuursrecht.