Vreemdelingenrecht
Verzoek om vovo, beroep ingetrokken, niet-connex, niet-ontvankelijk.
Rechtbank Den Haag, 5 augustus 2025
ECLI:NL:RBDHA:2025:14718 · Rechtbank Den Haag · 5 augustus 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2025-14718
Zaakgegevens
Op 5 augustus 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 5 augustus 2025
- Datum publicatie
- 7 augustus 2025
- Zaaknummer
- NL21.17933
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2025:14718
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoek om vovo, beroep ingetrokken, niet-connex, niet-ontvankelijk.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
Zaaknummer: NL21.17933
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoekster], verzoekster,
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. E.S. van Aken)
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Verzoekster heeft op 16 november 2021 beroep ingesteld, tegen het besluit van verweerder van 10 november 2021 (het bestreden besluit) waarmee de asielaanvraag van verzoekster is afgewezen als kennelijk ongegrond. Zij heeft daarbij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Verzoekster heeft op 6 december 2022 het beroep ingetrokken.
De voorzieningenrechter heeft bij berichten van 17 maart 2025 en 27 maart 2025 verzoekster verzocht om kenbaar te maken of zij het verzoek om een voorlopige voorziening handhaaft. Verzoekster heeft hierop niet gereageerd.
De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Overwegingen
1. Op grond van artikel 8:81 van de Awb kan een voorlopige voorziening alleen worden verzocht zolang er een bezwaar of beroep aanhangig is.
2. Aangezien verzoekster het beroep tegen het bestreden besluit heeft ingetrokken, is er geen beroep meer aanhangig. Het verzoek om een voorlopige voorziening is om die reden kennelijk niet-ontvankelijk.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 5 augustus 2025 door mr. M.J. Schouw, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van P. Lukanika, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.