Vreemdelingenrecht

beroep tegen niet tijdig beslissen, BNT, beroep niet-ontvankelijk want beroep ingediend nadat er reeds een…

Rechtbank Den Haag, 17 oktober 2025

Zaakgegevens

Op 17 oktober 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
17 oktober 2025
Datum publicatie
27 november 2025
Zaaknummer
NL25.28510
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:22382
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

beroep tegen niet tijdig beslissen, BNT, beroep niet-ontvankelijk want beroep ingediend nadat er reeds een besluit was genomen door de minister

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Amsterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.28510

[V-Nummer]


uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

(gemachtigde: mr. D. Aygur),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag.

Verweerder heeft de gelegenheid van verweer gehad.

De rechtbank doet uitspraak zonder een zitting te houden.

Overwegingen

1. Eiser heeft op 21 juli 2023 een asielaanvraag ingediend. Eiser heeft verweerder op 21 oktober 2024 in gebreke gesteld, waarna hij op 27 juni 2025 in beroep is gegaan wegens het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag. Verweerder heeft op 14 maart 2025 (alsnog) beslist op de asielaanvraag van eiser.

2. Voor een ontvankelijk beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit is vereist dat er nog geen besluit is genomen ten tijde van het instellen van beroep. In dit geval heeft eiser een beroep tegen niet tijdig beslissen ingediend nadat verweerder al op de asielaanvraag had beslist. Het onderhavige beroep is op 27 juni 2025 ingediend, terwijl verweerder reeds op 14 maart 2025 de asielaanvraag van eiser buiten behandeling heeft gesteld. Omdat er al een besluit was genomen voordat er beroep werd ingesteld, voldoet het beroep niet aan de eisen die de wet stelt aan een beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank verklaart het beroep van eiser daarom niet-ontvankelijk.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.E.J.M. Gielen, rechter, in aanwezigheid van

mr. S. Özçelik, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking.

De rechtbank doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:57 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Op grond van artikel 6:12, tweede lid, onder a van de Awb.