Vreemdelingenrecht

Vovo bij zaaknummer NL25.14720.

Rechtbank Den Haag, 12 december 2025

Zaakgegevens

Op 12 december 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
12 december 2025
Datum publicatie
6 januari 2026
Zaaknummer
NL25.14721
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:26009
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vovo bij zaaknummer NL25.14720.

Uitspraak

uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.14721

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. A. Harmanci),

en

de Minister van Asiel en Migratie, verweerder (gemachtigde: mr. I.A.G. Lodders).

Procesverloop

Bij besluit van 27 november 2024 heeft de minister de aanvraag van verzoeker voor het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor een bepaalde tijd met als doel ‘arbeid als zelfstandige’ afgewezen. Met het bestreden besluit van 25 maart 2025 op het bezwaar van verzoeker is de minister bij de afwijzing gebleven.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL25.14720, op

30 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoeker en de gemachtigde van de minister.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.14720, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

1.1.

Gelet op de uitkomst van de bodemzaak ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. C.M. Dijksterhuis, rechter, in aanwezigheid van mr. M.M. Tank, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

12 december 2025

[afbeelding niet beschikbaar]

Documentcode: [Documentcode]

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen vier weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.