Vreemdelingenrecht

Hersteluitspraak – dictum aangepast.

Rechtbank Den Haag, 26 maart 2025

Zaakgegevens

Op 26 maart 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
26 maart 2025
Datum publicatie
26 maart 2025
Zaaknummer
NL24.49886
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:4947
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Hersteluitspraak – dictum aangepast.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.49886


uitspraak ter verbetering van de uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 maart 2025 tussen


[eiser] , eiser,

V-nummer: [V-nummer] ,

(gemachtigde: mr. R. Deniz),

en

de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,

verweerder,

(gemachtigde: mr. J.R. Vreijsen).

Overwegingen

Naar aanleiding van het bericht in het digitale dossier van de gemachtigde van eiser van 26 maart 2025 heeft de rechtbank vastgesteld dat haar uitspraak van 26 maart 2025 een kennelijke misslag bevat die zich voor eenvoudig herstel leent. Die misslag heeft betrekking op de beslissing van de uitspraak. In de beslissing van de uitspraak is abusievelijk opgenomen dat het beroep ongegrond is, terwijl uit de overwegingen en de conclusie in de uitspraak volgt dat het beroep gegrond is. De rechtbank zal daarom de beslissing als volgt aanpassen.

Beslissing

De rechtbank verbetert haar uitspraak van 26 maart 2025 met zaaknummer NL24.49886 door in de beslissing op te nemen dat de rechtbank het beroep gegrond verklaart.

Het dictum in de uitspraak van 26 maart 2025 komt als gevolg van deze correctie als volgt te luiden:

De rechtbank:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het bestreden besluit;

- draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen op de asielaanvraag van eiser, waarbij

rekening wordt gehouden met deze uitspraak;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.814

(achttienhonderdveertien euro).

Deze uitspraak is gedaan op 26 maart 2025 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.