Vreemdelingenrecht

Niet-ontvankelijk – Geen procesbelang – vertrek met onbekende bestemming – geen contact gemachtigde – eiseres…

Rechtbank Den Haag, 17 april 2025

Zaakgegevens

Op 17 april 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
17 april 2025
Datum publicatie
22 april 2025
Zaaknummer
NL24.51509
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:6681
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Niet-ontvankelijk – Geen procesbelang – vertrek met onbekende bestemming – geen contact gemachtigde – eiseres niet op zitting.

Uitspraak

proces-verbaal uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL24.51509

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres] , eiseres, V-nummer: [V-nummer] ,

(gemachtigde: mr. W.P.R. Peeters), en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder, (gemachtigde: mr. J. Vreijsen).

Procesverloop

Bij besluit van 25 november 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiseres afgewezen als ongegrond.

Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

De rechtbank heeft het beroep op 10 april 2025 op zitting behandeld in Breda. Hieraan hebben deelgenomen de gemachtigde van eiseres en verweerder.

Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Overwegingen

1. De rechtbank beantwoordt allereerst ambtshalve de vraag of eiseres procesbelang heeft bij het beroep. Eiseres heeft asiel aangevraagd in Nederland. Bij brief van 27 februari 2025 heeft verweerder meegedeeld dat eiseres met onbekende bestemming is vertrokken. Desgevraagd heeft de gemachtigde van eiseres bij bericht van 7 maart 2025 meegedeeld dat hij eiseres niet heeft kunnen bereiken. Ter zitting heeft de gemachtigde van eiseres verklaard tot op heden geen contact met eiseres te hebben gehad.

2. De rechtbank constateert dat eiseres niet is verschenen ter zitting en ook niet op een andere wijze van zich heeft laten horen. Gelet op al de genoemde omstandigheden neemt de rechtbank aan dat eiseres niet langer prijs stelt op de aanvankelijk gezochte internationale bescherming in Nederland. Eiseres heeft daarom geen procesbelang bij een inhoudelijke beoordeling van het door haar ingestelde beroep tegen het bestreden besluit.

3. Het beroep is niet-ontvankelijk.

4. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 10 april 2025 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. Chakur, griffier, en geanonimiseerd gepubliceerd op www.rechtspraak.nl.

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.