Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag · Eerste aanleg - enkelvoudig · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 24 juni 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:17349 · Rechtbank Den Haag · 24 juni 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2026-17349
Zaakgegevens
Op 24 juni 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 24 juni 2026
- Datum publicatie
- 26 juni 2026
- Zaaknummer
- NL25.63114
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:17349
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Asiel, Bnt, Gegrond
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.63114
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,V-nummer: [V-nummer],
(gemachtigde: mr. F.A. van den Berg),
en
de minister van Asiel en Migratie , verweerder.
Procesverloop
Verzoeker heeft op 30 oktober 2025 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 16 november 2023.
Verzoeker heeft op 2 juni 2026 het beroep ingetrokken en daarbij verzocht om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Bpb.3 Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dit is geregeld in artikel 8:75a van de Awb.
2. Nu verzoeker het beroep heeft ingetrokken omdat hij is teruggekeerd naar Syrië en daarom geen belang meer heeft bij een verdere behandeling van het beroep, is geen sprake van een situatie als bedoeld in artikel 8:7a van de Awb.
3. Het verzoek wordt daarom als kennelijk ongegrond afgewezen.
Beslissing
De rechtbank wijs het verzoek om een proceskostenvergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan op 24 juni 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van O. Schep, griffier, openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin
u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit
verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet
deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten,
kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.