Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag · Eerste aanleg - enkelvoudig · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 26 juni 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:17796 · Rechtbank Den Haag · 26 juni 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2026-17796
Zaakgegevens
Op 26 juni 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 26 juni 2026
- Datum publicatie
- 1 juli 2026
- Zaaknummer
- NL26.29546
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:17796
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Hersteluitspraak
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.29546 H
uitspraak ter verbetering van de uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 juni 2026 in de zaak tussen
[eiser], eiser
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. R.E. Temmen),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Overwegingen
-
De rechtbank stelt vast dat de uitspraak van 25 juni 2026 met het zaaknummer NL26.29546 een kennelijke misslag bevat, omdat in deze uitspraak een onjuist rechtsmiddel is opgenomen.
-
Naar het oordeel van de rechtbank is er sprake van een omissie die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank herstelt deze onjuistheid op de hierna te melden wijze.
Beslissing
De rechtbank verbetert haart uitspraak van 25 juni 2026 met het zaaknummer NL26.29546 door het rechtsmiddel van hoger beroep te laten vallen en te vervangen met het volgende rechtsmiddel:
“Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.”
Het dictum luidt als volgt:
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
De rechtbank laat voor het overige de uitspraak van 25 juni 2026 ongewijzigd.
Deze uitspraak is gedaan op 26 juni 2026 door mr. E.J. Govaers, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. Chakur, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op: