Vreemdelingenrecht

Terugkeerbesluit, Richtlijn Tijdelijke Bescherming, derdelanders Oekraïne

Rechtbank Den Haag, 20 augustus 2026

Zaakgegevens

Op 20 augustus 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Rotterdam
Datum uitspraak
20 augustus 2026
Datum publicatie
31 augustus 2026
Zaaknummer
NL24.5162
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:25016
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Terugkeerbesluit, Richtlijn Tijdelijke Bescherming, derdelanders Oekraïne

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.5162


uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , V-nummer: [v-nummer] , eiser

(gemachtigde: mr. B.J. Manspeaker),

en

de minister van Asiel en Migratie, voorheen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 7 februari 2024 heeft verweerder aan eiser een terugkeerbesluit opgelegd.

Eiser heeft op 12 februari 2024 beroep ingesteld.

Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Overwegingen

1. De rechtbank beantwoordt allereerst ambtshalve de vraag of eiser procesbelang heeft bij zijn beroep.

2. De rechtbank stelt vast dat eiser op 12 februari en op 29 maart 2024 beroep heeft ingesteld tegen het terugkeerbesluit van 7 februari 2024. Bij uitspraak van vandaag, in de zaak NL24.13885, heeft de rechtbank op het beroep van 29 maart 2024 beslist. Eiser kan door het voeren van de huidige procedure niet meer bereiken dan met het beroep van 29 maart 2024. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. de Gans, rechter, in aanwezigheid van mr. E.F. Derksen, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.