Vreemdelingenrecht
Hersteluitspraak; rechtsmiddelenclausule.
Rechtbank Den Haag, 14 september 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:27045 · Rechtbank Den Haag · 14 september 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2026-27045
Zaakgegevens
Op 14 september 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 14 september 2026
- Datum publicatie
- 17 september 2026
- Zaaknummer
- NL26.45319
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:27045
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Hersteluitspraak; rechtsmiddelenclausule.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.45319
uitspraak van de enkelvoudige kamer ter verbetering van de uitspraak van 7 september 2026 in de zaak tussen
[eiseres], eiseres
V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. T.T. van Wijchen),
en
de minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. E. Spijkerman).
Overwegingen
De rechtbank heeft vastgesteld dat haar uitspraak van 7 september 2026 een kennelijke misslag bevat die zich voor eenvoudig herstel leent. In de rechtsmiddelenclausule van die uitspraak staat ten onrechte vermeld dat binnen zes weken na de dag van verzending van de uitspraak verzet kan worden ingesteld bij de rechtbank. De rechtbank zal deze kennelijke misslag herstellen op de hierna te vermelden wijze.
Beslissing
De rechtsmiddelenclausule van de uitspraak van 7 september 2026 wordt vervangen door:
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen twee weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. M. Gasi, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.