Vreemdelingenrecht
Omgeklapt beroep – niet ontvankelijk – geen procesbelang.
Rechtbank Den Haag, 20 april 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:9460 · Rechtbank Den Haag · 20 april 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2026-9460
Zaakgegevens
Op 20 april 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 20 april 2026
- Datum publicatie
- 20 april 2026
- Zaaknummer
- NL25.61878
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:9460
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Omgeklapt beroep – niet ontvankelijk – geen procesbelang.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.61878
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiserV-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. E. Gorsselink),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Eiser heeft op 17 december 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag. Dit beroep is geregistreerd onder nummer NL25.61878.
Bij besluit van 26 februari 2026 heeft verweerder de asielaanvraag afgewezen als ongegrond.
Eiser is in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken, uiterlijk op 13 april 2026, te laten weten of hij het al dan niet eens is met dit besluit.
Eiser heeft vervolgens op 16 maart 2026 met behulp van een andere gemachtigde separaat beroep ingesteld tegen het besluit van 26 februari 2026. Dit beroep is geregistreerd onder nummer NL26.14455.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. Verweerder heeft bij besluit van 26 februari 2026 de asielaanvraag van eiser afgewezen als ongegrond. Daarmee is tegemoetgekomen aan het beroep niet tijdig beslissen van eiser. Naar aanleiding van dit besluit heeft eiser het onderhavige beroep niet ingetrokken maar met behulp van een andere gemachtigde separaat beroep ingesteld tegen dit besluit van 26 februari 2026. Evenmin heeft eiseres een verzoek gedaan om verweerder te veroordelen in de proceskosten van de onderhavige procedure.
2. Nu verweerder is tegemoetgekomen heeft eiser geen procesbelang meer bij een verdere beoordeling van dit beroep van de rechtbank. Het beroep zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard.
3. Omdat eiser niet conform artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht aan de rechtbank heeft verzocht om verweerder te veroordelen in de proceskosten, zal de rechtbank hiertoe niet overgaan.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 20 april 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. Chakur, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.