Personen- en familierecht

Voortzetting inbewaringstelling toegewezen. Cliënt kan na 60 jaar niet meer in zijn woning blijven, de woning…

Rechtbank Gelderland, 29 juli 2024

Zaakgegevens

Op 29 juli 2024 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
29 juli 2024
Datum publicatie
31 juli 2024
Zaaknummer
C/05/439087 / FA RK 24/2483
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Advocaat
mr. C.T.B.J. Besjes te Heumen.
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2024:5024
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voortzetting inbewaringstelling toegewezen. Cliënt kan na 60 jaar niet meer in zijn woning blijven, de woning (een boerderij) is dusdanig verwaarloosd dat de wijkverpleging, thuiszorg en mantelzorger geen adequate zorg meer kunnen bieden. art. 37 Wzd. Cliënt lijdt aan dementie en heeft 24-uurs zorg nodig, wat hem thuis niet geboden kan worden.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK GELDERLAND

Familie- en jeugdrecht

Zittingsplaats: Arnhem

Zaakgegevens: C/05/439087 / FA RK 24/2483

Datum mondelinge uitspraak: 29 juli 2024

Beschikking machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling

inzake

het door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling als bedoeld in artikel 37 van de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten (Wzd), ten aanzien van:

[naam cliënt] ,

geboren op [geboortedatum] ,

wonende te [woonplaats] ,

verblijvende te [verblijfplaats] ,

op grond van een inbewaringstelling verleend tot en met 27 juli 2024,

hierna te noemen: cliënt,

advocaat: mr. C.T.B.J. Besjes te Heumen.

1 Procesverloop

1.1.

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 25 juli 2024.

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 26 juli 2024, in de accommodatie van [verblijfplaats] .

1.3.

Tijdens de mondelinge behandeling zijn gehoord:

  • cliënt, bijgestaan door zijn advocaat;

  • mw. [naam 1] , specialist ouderengeneeskunde;

  • de echtgenote van cliënt;

  • mw. [naam 2] , contactpersoon van cliënt;

  • dhr. [naam 3] , een bij cliënt betrokken persoon.

.

2. Beoordeling

2.1.

Op 24 juli 2024 heeft de burgemeester van de gemeente [naam gemeente] ten behoeve van de cliënt een last tot inbewaringstelling afgegeven.

2.2.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat cliënt lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten dementie.

2.3.

Het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel is gelegen in (het aanzienlijk risico op):

  • ernstig lichamelijk letsel;

  • ernstige psychische schade;

  • ernstige verwaarlozing;

  • maatschappelijke teloorgang.

2.4.

Om het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel te voorkomen dan wel af te wenden is voortzetting van de inbewaringstelling noodzakelijk en geschikt. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Namens cliënt is om afwijzing verzocht. Cliënt wil zelf heel graag naar huis samen met zijn partner (zij is opgenomen in dezelfde accommodatie). Zij hebben 60 jaar op de boerderij gewoond en nooit iemand kwaad gedaan. De rechtbank is van oordeel dat een terugkeer naar huis, hoe verdrietig ook, geen optie meer is. Het is lang geprobeerd om thuis zorg te geven, maar het ging niet meer. Het was op de boerderij zodanig verwaarloosd en vervuild dat de wijkverpleging niet meer thuis kwam. Voor de mantelzorger, die er als enigste persoon nog kwam, was het op het laatst ook niet meer te doen.

Cliënt heeft 24-uurs zorg nodig, in de thuissituatie kan dat niet worden geboden. De specialist ouderengeneeskunde heeft toegelicht dat er voor cliënt een zorgindicatie is aangevraagd, waar naar redelijke verwachting zorgzwaarte 5 uit zal komen. Dat houdt in dat wordt verwacht dat cliënt is aangewezen op 24-uurs (intensieve) dementiezorg. Daarnaast is het aanvraagtraject voor een rechterlijke machtiging reeds in gang gezet. Deze aanvraag kan cliënt niet thuis afwachten, gelet op zijn progressieve ziektebeeld en verwaarloosde thuissituatie. Om die reden zal cliënt opgenomen moeten blijven in de accommodatie totdat er een vervolgplek voor hem is.

2.5.

De cliënt verzet zich tegen een voortzetting van het verblijf in de accommodatie.

2.6.

Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat is voldaan aan de criteria voor een voortzetting van de inbewaringstelling. De machtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes weken, en geldt aldus tot en met 9 augustus 2024.

3 Beslissing

De rechtbank:

3.1.

verleent een machtiging tot voortzetting van het verblijf ten aanzien van:

[naam cliënt] , geboren op [geboortedatum] ,

3.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 9 september 2024.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 29 juli 2024 door mr. M.E. Allegro, rechter, in tegenwoordigheid van mr. G. Vlemmings als griffier.

De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 31 juli 2024.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.