Strafrecht overig
Bezwaarschrift tegen kennisgeving omzetting; vervangende hechtenis reeds tenuitvoergelegd. Gelet op…
Rechtbank Limburg, 22 januari 2013
ECLI:NL:RBLIM:2013:BY9123 · Rechtbank Limburg · 22 januari 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-limburg/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rblim-2013-by9123
Zaakgegevens
Op 22 januari 2013 heeft de Rechtbank Limburg in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank LimburgRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 22 januari 2013
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 03/703069-11
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2013:BY9123
Samenvatting
Bezwaarschrift tegen kennisgeving omzetting; vervangende hechtenis reeds tenuitvoergelegd. Gelet op berichtgeving reclassering bezwaarschrift gegrond.
Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Maastricht
Stafrecht
Parketnummer: 03/703069-11
Repnr.: 696/12
Deze beslissing is gegeven door de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, naar aanleiding van het op 12 november 2012 ter griffie van deze rechtbank ingekomen
bezwaarschrift tegen de kennisgeving omzetting d.d. 9 november 2012 van
[naam veroordeelde],
geboren te [geboortegegevens veroordeelde],
wonende te [adresgegevens veroordeelde],
hierna te noemen: de veroordeelde.
De procedure
Bij bezwaarschrift van 9 november 2012 is door mr. M.M.F. Starmans, raadsman van ver-oordeelde, bezwaar gemaakt tegen de aan de veroordeelde betekende kennisgeving ex artikel 22g, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De rechtbank heeft de veroordeelde, zijn raadsman en de officier van justitie gehoord tijdens de behandeling van het bezwaarschrift op 8 januari 2013. Tevens heeft de rechtbank kennis genomen van de stukken in de onderhavige zaak.
De feiten
Bij vonnis van de meervoudige strafkamer in deze rechtbank van 23 november 2011 is aan de veroordeelde opgelegd een taakstraf voor de duur van 30 uren, subsidiair 15 dagen ver-vangende hechtenis.
De veroordeelde heeft deze taakstraf niet naar behoren verricht.
De officier van justitie heeft, van oordeel zijnde dat de veroordeelde aldus de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, de tenuitvoerlegging bevolen van 15 dagen vervangende hechtenis.
Overwegingen omtrent het bezwaar
Ter terechtzitting heeft de raadsman te kennen gegeven dat de vervangende hechtenis van 15 dagen inmiddels ten uitvoer is gelegd. De raadsman heeft toch verzocht het bezwaarschrift gegrond te verklaren. Hij heeft hierbij gewezen op een brief van Mondriaan d.d. 1 oktober 2012, waarin wordt gesteld dat de veroordeelde nog een laatste kans krijgt zich aan de ge-maakte afspraken te houden. De retournering is hiermee in tegenspraak.
De officier van justitie heeft ter terechtzitting haar standpunt gewijzigd en eveneens verzocht het bezwaarschrift gegrond te verklaren.
Gelet op deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat de veroordeelde terecht be-zwaar heeft gemaakt tegen voornoemde beslissing van de officier van justitie. Zij zal het bewaarschrift, ondanks dat de veroordeelde de vervangende hechtenis reeds heeft uitgezeten, dan ook gegrond verklaren.
BESLISSING:
De rechtbank verklaart het bezwaar gegrond en stelt het aantal uren werkstraf dat veroor-deelde nog dient te verrichten vast op 0 uren.
Deze beslissing is aldus genomen door mr. S.V. Pelsser, voorzitter, mr. R.A.J. van Leeuwen en mr. J.M.E. Kessels, rechters, in tegenwoordigheid van mr. K. Mahovic, griffier, en uitge-sproken ter openbare zitting van deze rechtbank op 22 januari 2013.