Bestuursrecht overig

Beroep tegen een dwangbevel met executoriale titel; de burgerlijke rechter is bevoegd en niet de…

Rechtbank Midden-Nederland, 9 september 2020

Zaakgegevens

Op 9 september 2020 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
9 september 2020
Datum publicatie
22 april 2021
Zaaknummer
UTR 19/3461
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2020:5941
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Beroep tegen een dwangbevel met executoriale titel; de burgerlijke rechter is bevoegd en niet de bestuursrechter. Het beroep is dan ook ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 19/3461

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 september 2020 in de zaak tussen

[eiseres] , te [plaats] , eiseres,

(gemachtigde: dhr. H. Zwiers),

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Vijfherenlanden, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 27 mei 2019 is aan eiseres een dwangbevel met executoriale titel betekend. Eiseres heeft tegen dit besluit bezwaar ingediend.

Overwegingen

1.De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.

2. In artikel 8:4, eerste lid, aanhef en onder b, van de Awb is bepaald dat geen beroep kan worden ingesteld tegen een besluit inhoudende een dwangbevel. Voor een executiegeschil als hier aan de orde staat een rechtsgang bij de burgerlijke rechter open. De rechtbank wijst op artikel 438 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Naar het oordeel van de rechtbank kan eiseres tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel met een dagvaarding in verzet komen bij de burgerlijke rechter van de rechtbank van het arrondissement waarbinnen zij woont.

3. Het ingediende beroep heeft betrekking op een executoriaal beslag. De rechtbank komt dan ook tot de conclusie dat niet de bestuursrechter maar de burgerlijke rechter bevoegd is kennis te nemen van het beroep.

4. Omdat de bestuursrechter zich onbevoegd verklaart, zal het door eiseres betaalde griffierecht worden teruggestort. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd van het beroep kennis te nemen.

Deze uitspraak is gedaan op 9 september 2020 door mr. R.C. Moed, rechter, in aanwezigheid van O. Asafiati, griffier. Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt de uitspraak alsnog in het openbaar uitgesproken.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.