Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland, 6 juli 2021
ECLI:NL:RBMNE:2021:3220 · Rechtbank Midden-Nederland · 6 juli 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbmne-2021-3220
Zaakgegevens
Op 6 juli 2021 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 6 juli 2021
- Datum publicatie
- 19 juli 2021
- Zaaknummer
- 21/1273
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2021:3220
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
no geen besluit
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/1273
1 a
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 juli 2021 in de zaak tussen
[eiser], te [woonplaats], eiser,
en
Onbekende verweerder, verweerder.
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingesteld op 17 maart 2021.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet een kopie van het besluit indienen waar zij het niet mee eens. Dit staat in artikel 6:5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Als dat niet gebeurt is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het besluit niet is ingediend. Het gaat dan om omstandigheden waar eiser niets aan kan doen.
3. De rechtbank heeft eiser op 12 mei 2021 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiser binnen vier weken een kopie moet opsturen van het besluit waar hij het niet mee eens is.
4. Eiser heeft niet gereageerd op deze brief.
5. Het beroep zal daarom niet inhoudelijk worden behandeld. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb).
6. Eiser krijgt geen gelijk en daarom ook geen vergoeding van zijn proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van O. Asafiati, griffier. De beslissing is uitgesproken op 6 juli 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.