Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland, 15 juni 2023
ECLI:NL:RBMNE:2023:3084 · Rechtbank Midden-Nederland · 15 juni 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbmne-2023-3084
Zaakgegevens
Op 15 juni 2023 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 15 juni 2023
- Datum publicatie
- 28 juni 2023
- Zaaknummer
- UTR 23/752
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2023:3084
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Kennelijk onbevoegd.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/752
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 juni 2023 in de zaak tussen
[eiser], te [woonplaats], eiser,
en
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, verweerder.
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend op 22 januari 2023.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is (Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Eiser heeft op 25 september 2011 een brief gestuurd aan de minister van Bijsterveldt over belastende uitlatingen die zijn gedaan op een webforum. Op 12 oktober 2011 is op deze klacht gereageerd. Op 22 januari 2023 heeft eiser tegen deze brief beroep ingesteld bij de rechtbank.
3. Artikel 1:3, eerste lid, van de Awb bepaalt dat een besluit een schriftelijke beslissing is van een bestuursorgaan, die een publiekrechtelijke rechtshandeling inhoudt. Er treedt met andere woorden een verandering op in het geheel van rechten en plichten van eiser. De rechtbank concludeert dat de rechtspositie van eiser door de brief van 12 oktober 2011 niet verandert.
4. De rechtbank stelt vast dat de brief van 12 oktober 2011 waartegen eiser in beroep gaat, geen besluit is in de zin van artikel 1:3 of artikel 8:2 van de Awb. Dit betekent dat er geen beroep kan worden ingesteld bij de bestuursrechter op grond van artikel 8:1 van de Awb.
5. Omdat er geen beroep kan worden ingesteld op grond van artikel 8:1 van de Awb verklaart de bestuursrechter zich onbevoegd van het beroep kennis te nemen.
6. Omdat de bestuursrechter zich onbevoegd verklaart, zal worden afgezien van het heffen van het griffierecht.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Fijnheer, rechter, in aanwezigheid van I.J. Tiktak, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2023.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.