Arbeidsrecht
De kantonrechter verklaart voor recht dat de werknemer door overgang van onderneming bij de (nieuwe)…
Rechtbank Noord-Holland, 14 oktober 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:14636 · Rechtbank Noord-Holland · 14 oktober 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/arbeidsrecht/bodemzaak/ecli-nl-rbnho-2026-14636
Zaakgegevens
Op 14 oktober 2026 heeft de Rechtbank Noord-Holland in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Datum uitspraak
- 14 oktober 2026
- Datum publicatie
- 27 oktober 2026
- Zaaknummer
- 12029386 \ CV EXPL 25-8667
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Arbeidsrecht
- Procedure
- BodemzaakBodemzaakDe gewone procedure waarin de rechter definitief over het geschil beslist, in tegenstelling tot een kort geding of voorlopige voorziening.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2026:14636
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
De kantonrechter verklaart voor recht dat de werknemer door overgang van onderneming bij de (nieuwe) werkgever in dienst is getreden. De vorderingen tot betaling van achterstallig loon en tewerkstelling worden afgewezen, omdat werknemer zich niet (onvoorwaardelijk) bereid heeft verklaard de arbeid bij de nieuwe werkgever tegen de ten tijde van de overgang geldende voorwaarden te verrichten.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 12029386 \ CV EXPL 25-8667
Vonnis van 14 oktober 2026
in de zaak van
[eiser] ,
te [plaats],
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser],
gemachtigde: [gemachtigde],
tegen
DIRECT RESULT FACE TO FACE MARKETING B.V.,
te Amsterdam,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Direct Result,
gemachtigde: mr. A. Aaryf.
De zaak in het kort
In deze zaak wijst de kantonrechter het verzoek van werkneemster toe en verklaart voor recht dat werkneemster door overgang van onderneming bij de werkgever in dienst is gekomen. Het verzoek om de werkgever te veroordelen tot betaling van achterstallig loon en tewerkstelling wordt afgewezen, omdat werkneemster zich na de overgang niet (onvoorwaardelijk) bereid heeft verklaard de arbeid bij de (nieuwe) werkgever te verrichten.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 11 december 2025
- de conclusie van antwoord
- het tussenvonnis van 11 maart 2026
- de e-mail van 11 augustus 2026 van [eiser] met een aanvullende productie
- de mondelinge behandeling van 13 augustus 2026 ter gelegenheid waarvan partijen spreekaantekeningen hebben voorgedragen en overgelegd
- het proces-verbaal van schikking van 13 augustus 2026
- de e-mail van mr. Heslenfeld van 16 augustus 2026 waarin de schikkingsovereenkomst door [eiser] wordt ontbonden
- de e-mail van mr. Heslenfeld van 16 augustus 2026 waarin namens [eiser] een wrakingsverzoek wordt ingediend
- het aan partijen verzonden proces-verbaal van de zitting
- de e-mails van mr. Aaryf van 18 en 28 augustus 2026
- de beslissing van de wrakingskamer van 15 september 2026 waarin het wrakingsverzoek wordt afgewezen
- de e-mail van de griffie van 16 september 2026
- de e-mail van mr. Heslenfeld van 16 september 2026
- de e-mail van de griffie van 17 september 2026.
2 Feiten
[eiser] was van 2021 tot en met 2 oktober 2025 werkzaam bij de backoffice van The Sales Unit B.V. (hierna: SU) in Haarlem. Loonbetalingen en loonstroken ontving [eiser] van Activate Nederland.
Op 16 september 2025 is aan [eiser] verteld dat de SU haar activiteiten had gestaakt en dat de standplaats van [eiser] zou verschuiven van Haarlem naar Amsterdam.
Op 19 september 2025 is [eiser] op het kantoor van Direct Result in Amsterdam langsgegaan om te kijken hoe het daar was.
Op 22 september 2025 heeft [eiser] het volgende Whatsapp bericht gestuurd aan [betrokkene] (hierna: [betrokkene]) van Activate: ‘Dag [betrokkene], afgelopen vrijdag ben ik op het nieuwe kantoor geweest. We voelden ons heel erg welkom. Ook zijn er verschillende doorgroeimogelijkheden, wat heel fijn is. Toch merk ik dat het voor mij niet passend is op dit moment. (…)’.
Bij e-mail van 8 oktober 2025 heeft [eiser] het volgende aan [betrokkene] geschreven: ‘Sinds de ‘overname’ van Activate Nederland door Direct Result is mijn functie en werkplek eenzijdig gewijzigd. Waar mijn arbeidsovereenkomst Haarlem als standplaats vermeldt, wordt nu van mij verwacht in Amsterdam te werken (…). Dat is een wezenlijke wijziging van arbeidsvoorwaarden waar ik niet mee heb ingestemd. Daarnaast ben ik pas weken na de feitelijke overgang geïnformeerd over de overgang van mijn contract. (…) Deze gang van zaken heeft de arbeidsrelatie inmiddels zodanig verstoord dat een voortzetting in redelijkheid niet meer van mij kan worden verwacht. (…) Juridisch gezien ligt hier een beëindiging door toedoen van de werkgever, waardoor ik recht heb op een transitievergoeding (…). Ik stel daarom voor dat we dit snel en netjes afronden via een vaststellingsovereenkomst (…) Totdat dit goed is geregeld blijf ik formeel in dienst; ik zal geen ontslag nemen.
Bij brief van 23 oktober 2025 aan [betrokkene] heeft [eiser] het onder 2.5 opgenomen standpunt (bij monde van haar gemachtigde) herhaald.
Bij e-mail van 27 oktober 2025 heeft [betrokkene] aan (de gemachtigde van) [eiser] het volgende laten weten:
‘(…)Tot 1 september was ik als gedelegeerd directeur verantwoordelijk voor een aantal portefeuilles bij The Sales Unit B.V. In die hoedanigheid heb ik de afgelopen jaren ook contact gehad met [eiser]. Sinds 1 september begeleid ik, tijdelijk en in een zeer beperkt aantal uren per week, de migratie van activiteiten van The Sales Unit B.V. naar Direct Result Face to Face Marketing B.V. (…)
Op 1 september heeft The Sales Unit haar activiteiten moeten staken, wat directe gevolgen had voor de afdeling Backoffice Nederland, waarvan [eiser] onderdeel uitmaakte. Om te voorkomen dat deze medewerkers zonder werk zouden komen te zitten, heb ik gezocht naar een oplossing. Die oplossing heb ik gevonden door de gehele eenheid over te dragen aan Direct Result Face to Face Marketing B.V. Bij deze nieuwe werkgever kregen de medewerkers de mogelijkheid hun werkzaamheden voort te zetten binnen een grotere organisatie en zich verder te ontwikkelen.
De medewerkers van de backoffice hebben wij de keuze geboden om van deze optie gebruik te maken. Indien zij daarvan afzagen, werd geen beroep gedaan op de opzegtermijn in de arbeidsovereenkomst. Indien zij wel gebruikmaakten van de mogelijkheid, werd dit traject zorgvuldig begeleid om een soepele overgang te waarborgen.
In het geval van [eiser] ligt de situatie iets anders. Zij heeft aanvankelijk deelgenomen aan het integratieprogramma bij de nieuwe werkgever, maar kreeg daarna bedenkingen. Zij heeft zich tot mij gewend en aangegeven geen gebruik te willen maken van de mogelijkheden bij de nieuwe werkgever. Zij heeft vervolgens om beëindiging van haar dienstverband verzocht, zodat zij zich kon richten op werk dat beter aansluit bij haar opleiding. Ik ben met haar in gesprek gegaan over deze situatie. [eiser] gaf aan dat zij opzag tegen de overbruggingsperiode tussen haar oude en nieuwe werk, met name vanwege de financiële impact. Hiervoor heb ik haar de volgende oplossingen aangeboden:
1. Vervangend werk bij Activate International B.V. met dezelfde arbeidsomvang en
gelijke remuneratie.
2. Bij voortzetting van het werk bij Direct Result Face to Face Marketing: doorbetaling van de extra reistijd als arbeidstijd, in verband met de toegenomen reistijd.
3. Vastlegging van het ontslagverzoek in een vaststellingsovereenkomst, zodat [eiser] een WW-uitkering kon aanvragen.
(…)’
Op 31 oktober 2025 heeft (de gemachtigde van) [eiser] onder meer geschreven dat zij in gesprekken over de nieuwe situatie op 19 en 26 september duidelijk heeft gemaakt dat de wijziging van standplaats (van Haarlem naar Amsterdam) niet aanvaardbaar was en dat de beëindiging van het dienstverband is veroorzaakt door toedoen van de werkgever waarmee recht op een transitievergoeding bestaat.
Bij e-mail van 21 november 2025 heeft [eiser] het volgende aan [betrokkene] geschreven: ‘Ik bevestig hierbij opnieuw dat ik volledig beschikbaar ben om mijn werkzaamheden op de overeengekomen standplaats Haarlem te verrichten (…) Voor de volledigheid merk ik op dat ik ook in de afgelopen periode steeds beschikbaar was om mijn werkzaamheden in Haarlem voort te zetten; dat is feitelijk onmogelijk gemaakt door de eenzijdige wijziging van de standplaats naar Amsterdam, het afbreken van mijn lopende salarisonderhandeling, het ontbreken van een duidelijke functie-invulling en het uitblijven van inzage in mijn arbeidsovereenkomst. Deze omstandigheden, die volledig aan werkgeverszijde liggen, hebben ertoe geleid dat ik niet ben ingeroosterd – niet dat ik niet wilde werken. (…)Mijn arbeidsovereenkomst is dus onverkort van kracht en Direct Result Face to Face Marketing B.V. is volledig loon verschuldigd. (…)
Graag ontvang ik uiterlijk maandag om 12.00 uur schriftelijke bevestiging dat (i) mijn beschikbaarstelling wordt geaccepteerd, (ii) ik in Haarlem zal worden ingeroosterd en (iii) het achterstallige loon wordt betaald. (…)’.
3 Het geschil
[eiser] vordert dat de kantonrechter bij vonnis, zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. voor recht verklaart dat de arbeidsovereenkomst voortduurt;
II. de arbeidsomvang vaststelt op het gemiddeld aantal uren per maand op basis van de loonstroken;
III. Direct Result veroordeelt tot betaling van achterstallig loon vanaf 3 oktober 2025 tot de datum van het vonnis;
IV. Direct Result veroordeelt tot betaling van 8% vakantiegeld;
V. Direct Result veroordeelt tot betaling van wettelijke verhoging en wettelijke rente over alle achterstallige bedragen;
VI. Direct Result veroordeelt tot wedertewerkstelling in Haarlem op straffe van een dwangsom;
VII. Direct Result veroordeelt in de proceskosten.
[eiser] legt (samengevat) het volgende aan de vordering ten grondslag. [eiser] is sinds 2021 onafgebroken en structureel werkzaam geweest bij de backoffice van de SU. Per 1 september 2025 is deze backoffice als economische eenheid overgedragen aan Direct Result. Daarmee is sprake van een overgang van onderneming en zijn alle bij de arbeidsovereenkomst van [eiser] horende rechten en verplichtingen overgegaan op Direct Result. De arbeidsovereenkomst loopt sindsdien onverkort door, want van beëindiging of opzegging van de arbeidsovereenkomst is geen sprake geweest. Direct Result heeft de standplaats van [eiser] onrechtmatig gewijzigd. Van [eiser] kon niet worden verlangd dat zij instemde met voortzetting in Amsterdam. Nu geen instemming is verkregen en geen rechtmatige wijziging heeft plaatsgevonden, blijft de arbeidsovereenkomst gelden met Haarlem als overeengekomen standplaats. De oorzaak dat [eiser] na 2 oktober 2025 niet meer heeft gewerkt is niet het gevolg van een gebrek aan bereidheid aan haar kant, maar van het door Direct Result onmogelijk maken van werkhervatting op de overeengekomen voorwaarden. Onder die omstandigheden blijft de loonverplichting volledig bestaan.
Direct Result voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijkheid danwel afwijzing van de vordering. Daartoe voert Direct Result (samengevat) het volgende aan. De kantonrechter in Haarlem is onbevoegd, omdat Direct Result in Amsterdam gevestigd is en de bijzondere bevoegdheidsregels voor arbeidsgeschillen niet gelden doordat tussen partijen geen arbeidsovereenkomst bestaat. Die arbeidsovereenkomst bestaat niet, omdat [eiser] niet behoort tot de werknemers die in het kader van een activa/passivatransactie zijn overgenomen (primair). Bovendien heeft [eiser] het aangeboden werk geweigerd en zich niet beschikbaar gehouden, waardoor loon niet verschuldigd is (subsidiair). Daarnaast geldt dat [eiser] zelf expliciet heeft aangegeven niet mee te gaan naar Direct Result, waardoor zij bij Direct Result geen aanspraak kan maken op voortduring/loon/wedertewerkstelling bij de oude standplaats/organisatie.
4 De beoordeling
De kantonrechter in Haarlem is bevoegd
Het preliminaire verweer van Direct Result over de relatieve onbevoegdheid wordt verworpen. De kantonrechter in Haarlem is op grond van artikel 100 Weetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) bevoegd om van het geschil kennis te nemen, omdat het – zoals uit het navolgende blijkt - een zaak betreffende een arbeidsovereenkomst is en de werkzaamheden laatstelijk gewoonlijk in Haarlem werden verricht.
Voorwaardelijk ontbindingsverzoek niet-ontvankelijk
Op 28 augustus 2026 heeft Direct Result een voorwaardelijk verzoek strekkende tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst ingediend. Bij e-mail van 16 september 2026 zijn partijen geïnformeerd dat het verzoek niet-ontvankelijk is, omdat een tegenvordering in een dagvaardingszaak op grond van artikel 137 Rv dadelijk bij antwoord moet worden ingesteld. Ten overvloede geldt dat ontbindingsverzoeken op grond van artikel 7:686a lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) moeten worden ingeleid met een verzoekschrift en dus (ook om die reden) niet kunnen worden ingebracht in deze dagvaardingsprocedure.
Aanvullende producties blijven buiten beschouwing
Ter zitting heeft mr. Heslenfeld gevraagd of hij nog een meegenomen aanvullende productie (bankafschrift) in het geding mocht brengen. Mr. Aaryf heeft daartegen gemotiveerd bezwaar gemaakt. Aan het eind van de zitting heeft de kantonrechter beslist dat het stuk niet wordt toegelaten. Aanvullende stukken moeten tijdig voorafgaand aan de mondelinge behandeling worden ingediend (artikel 87 lid 6 Rv). Stukken die daarna worden ingediend blijven buiten beschouwing, tenzij de goede procesorde zich daartegen verzet. In dit geval is gesteld noch gebleken dat de goede procesorde zich verzet tegen het buiten beschouwing laten van het stuk. Daarvoor is van belang dat mr. Heslenfeld het stuk ter zitting mondeling heeft toegelicht, waarop Direct Result heeft kunnen reageren. De toelichting van beider partijen wordt wel in de beoordeling betrokken, waardoor zij niet in hun procesbelangen zijn geschaad.
Verder heeft Direct Result bij brief van 28 augustus 2026 een aanvullende productie A ingediend en heeft mr. Heslenfeld bij e-mail van 16 september 2026 nadere informatie over de zaak verstrekt. Bij e-mails van 16 en 17 september 2026 is aan partijen meegedeeld dat beide berichten op grond van artikel 6.2 van het ‘Landelijk Procesreglement civiele dagvaardingszaken rechtbanken handel en kanton’ buiten beschouwing blijven, omdat zij zijn toegestuurd nadat op 13 augustus 2026 de inhoudelijke behandeling van de zaak was gesloten.
De arbeidsovereenkomst is door overgang van onderneming overgegaan op Direct Result
[eiser] stelt zich op het standpunt dat haar arbeidsovereenkomst op Direct Result is overgegaan doordat op 1 september 2025 de backoffice van de Sales Unit – waar [eiser] sinds 2 juli 2021 onafgebroken en structureel werkte - als economische eenheid is overgedragen aan Direct Result.
Direct Result betwist dat [eiser] bij haar in dienst is gekomen. Zij heeft daartoe aangevoerd dat tussen Direct Result en de Sales Unit een activa-passiva koopovereenkomst is gesloten, in het kader waarvan afspraken zijn gemaakt over de over te nemen werknemers (de werknemerslijst). [eiser] staat niet op die lijst en behoort (dus) niet tot de over te nemen werknemers. Verder betwist Direct Result bij gebrek aan wetenschap dat tussen [eiser] en de Sales Unit een rechtsbetrekking heeft bestaan. Direct Result houdt het ervoor dat [eiser] via een uitleenbedrijf bij de Sales Unit werd gedetacheerd. Direct Result heeft ook aangevoerd dat de arbeidsovereenkomst van [eiser] met haar werkgever van rechtswege is geëindigd doordat [eiser] niet mee wilde overgaan naar Direct Result.
De kantonrechter gaat er op basis van de e-mail van 27 oktober 2025 van [betrokkene] van Activate vanuit dat de gehele eenheid van de afdeling Backoffice Nederland van de Sales Unit is overgedragen aan Direct Result (2.7). Daaruit leidt de kantonrechter af dat sprake was van een overgang van onderneming in de zin van artikel 7:662 BW. Direct Result heeft weliswaar in algemene zin weersproken dat sprake was van een overgang van onderneming, maar heeft dat niet met enig stuk onderbouwd. Direct Result heeft ter zitting toegelicht dat er een uitgebreide due diligence is gedaan naar Activate International, de Belgische, Luxemburgse en de Nederlandse activiteit. Omdat het bedrijf er zo slecht voorstond is er alleen een activa- passiva transactie geweest, waarbij per 1 september 2025 bepaalde onderdelen van Activate (de sales mensen en de accountmanager Kuiper) zijn overgenomen. De backoffice van de Sales Unit behoorde volgens Direct Result niet tot de overgenomen onderdelen. De kantonrechter stelt vast dat Direct Result heeft nagelaten stukken in het geding te brengen (zoals de activa-passivaovereenkomst en de werknemerslijst waarnaar wordt verwezen in de conclusie van antwoord) waaruit het voorgaande blijkt. Dat had wel op haar weg gelegen, te meer nu informatie over de transactie in háár domein ligt en niet in dat van [eiser]. Daardoor rust op Direct Result een verzwaarde motiveringsplicht.
De kantonrechter gaat er verder vanuit dat [eiser] in het kader van de overgang van de backoffice van de Sales Unit van rechtswege mee is overgegaan naar Direct Result (artikel 7:663 BW). [eiser] heeft gesteld dat zij op de overgangsdatum (1 september 2025) al ruim drie a vier jaar onafgebroken bij de backoffice werkzaam was. Dat is door Direct Result niet (voldoende gemotiveerd) weersproken. Direct Result heeft wel (bij gebrek aan wetenschap) betwist dat [eiser] bij de Sales Unit in dienst was. Of [eiser] bij de Sales Unit in dienst was, is in dit geval echter niet relevant. Voldoende is komen vast te staan dat [eiser] formeel bij Activate in dienst was en vandaaruit tewerkgesteld werd bij de Sales Unit. Dat kan worden afgeleid uit het feit dat Activate [eiser] voor haar werkzaamheden bij de Sales Unit betaalde (de loonstroken) en uit het feit dat zowel [betrokkene] (van Activate) als [eiser] uitgingen van een dienstverband met Activate (zie 2.5 tot en met 2.9). [eiser] heeft toegelicht dat Activate en de Sales Unit bij elkaar horen, en dat heeft Direct Result niet weersproken. De kantonrechter gaat er vanuit dat Activate en de Sales Unit tot dezelfde groep behoren en dat [eiser] door Activate permanent tewerk gesteld werd bij de Sales Unit. Op grond van het Albron-arrest behoort zij daarmee tot de werknemers die op grond van artikel 7:663 BW mee overgaan op de verkrijger.
De door Direct Result aangevoerde omstandigheid dat [eiser] niet op de werknemerslijst staat die in het kader van de transactie is opgesteld, leidt niet tot een ander oordeel. Nog daargelaten dat Direct Result de werknemerslijst niet heeft overgelegd (waardoor niet kan worden vastgesteld dat [eiser] er inderdaad niet op staat), geldt bovendien dat het niet aan contractpartijen zelf is om te bepalen welke werknemers tot het over te dragen onderdeel behoren. Dat is immers (dwingendrechtelijk) bij wet bepaald.
Het verweer van Direct Result dat [eiser] niet bij haar in dienst is gekomen, omdat de arbeidsovereenkomst tussen [eiser] en haar werkgever (de vervreemder) van rechtswege is geëindigd doordat zij niet mee over wilde naar Direct Result, slaagt evenmin. Een ondubbelzinnige weigering van de werknemer om bij de verkrijger in dienst te treden kan er toe leiden dat de arbeidsovereenkomst met de vervreemder van rechtswege een einde neemt op het tijdstip van de overgang. In dit geval is daarvan echter geen sprake, omdat de overgang al had plaatsgevonden vóórdat [eiser] liet weten dat zij niet instemde met voortzetting van haar werk in Amsterdam omdat zij in Haarlem wilde blijven werken (2.2, 2.4 en 2.5). Deze chronologie laat zich verklaren door het feit dat [eiser] pas na de overgangsdatum op hoogte is gebracht van de overgang, zoals door [eiser] is gesteld en door Direct Result niet is betwist.
De conclusie is dat [eiser] per 1 september 2025 door overgang van onderneming bij Direct Result in dienst is getreden. De arbeidsovereenkomst is vervolgens niet (rechtsgeldig) geëindigd. De gevorderde verklaring voor recht zal daarom worden toegewezen zoals onder 5.1 vermeld.
Er is geen recht op loon
[eiser] heeft loonbetaling gevorderd over de periode van 3 oktober 2025 tot de datum van het vonnis. Hierna wordt uitgelegd waarom deze vordering wordt afgewezen.
Op grond van artikel 7:628 lid 1 BW is de werkgever ook tot loonbetaling verplicht indien de werknemer de overeengekomen arbeid geheel of gedeeltelijk niet heeft verricht, tenzij het niet verrichten van de arbeid in redelijkheid voor rekening van de werknemer behoort te komen. Voor het slagen van een loonvordering is verder noodzakelijk dat de werknemer bereid is de bedongen arbeid te verrichten.
De kantonrechter is van oordeel dat [eiser] in het licht van de gemotiveerde betwisting door Direct Result onvoldoende heeft onderbouwd dat zij zich voor de bedongen arbeid bij Direct Result in Amsterdam beschikbaar heeft gehouden. Verwezen wordt naar de berichten van (de gemachtigde van) [eiser] van 22 september, 8 oktober, 23 oktober, 31 oktober en 21 november 2025 en de schriftelijke verklaringen die [eiser] bij de dagvaarding heeft overgelegd. Daarin heeft [eiser] keer op keer bevestigd dat zij in Haarlem wilde (blijven) werken en niet instemde met een verplaatsing van het werk naar Amsterdam. Anders dan [eiser] heeft bepleit, vindt de kantonrechter dat wel van haar verlangd kon worden dat zij in Amsterdam zou gaan werken. De (reis-)afstand tussen Haarlem en Amsterdam is niet dusdanig dat sprake is van een aanmerkelijke wijziging in de zin van artikel 7:665 BW. Door de overgang zijn de werkzaamheden van Haarlem (bij de Sales Unit) naar Amsterdam (bij Direct Result) verplaatst. Zoals de gemachtigde van [eiser] ter zitting terecht heeft opgemerkt, kon niet van Direct Result worden verlangd dat zij speciaal voor [eiser] een werkplek in Haarlem zou organiseren.
[eiser] heeft ter zitting toegelicht dat de standplaatswijziging niet het breekpunt was om niet bij Direct Result te gaan werken, maar dat dat was omdat er teveel onduidelijkheden waren (over het contract, de voorwaarden, reiskostenvergoeding) die ondanks haar vragen niet werden opgehelderd. De kantonrechter stelt vast dat deze lezing niet uit het dossier blijkt. Er blijkt niet uit dat [eiser] hierover vragen heeft gesteld aan Activate, noch dat die vragen onbeantwoord zijn gebleven. Daarbij is nog relevant dat de CFO van Direct Result ter zitting onbetwist heeft gesteld dat hij op 19 september 2025, toen [eiser] bij Direct Result is langs geweest voor een kennismaking, heeft gezegd beschikbaar te zijn voor vragen. Gesteld noch gebleken is dat [eiser] zich daarna met vragen tot Direct Result heeft gewend. Voor zover er onduidelijkheden waren, dan zijn die met de e-mail van [betrokkene] van 27 oktober 2025 (2.7) opgehelderd. Ook daarna heeft [eiser] zich echter niet beschikbaar gesteld voor het werk in Amsterdam. Zij heeft enkel (bij Activate) aangegeven beschikbaar te zijn voor werkzaamheden in Haarlem (zie 2.8 en 2.9) en aangestuurd op een beëindiging van haar arbeidsovereenkomst met Activate. Gelet op het voorgaande behoort de oorzaak dat [eiser] sinds 3 oktober 2025 geen werkzaamheden bij Direct Result heeft verricht, in redelijkheid voor rekening van [eiser] te blijven.
De door [eiser] aangevoerde omstandigheid dat zij onvoldoende over de overgang en de gevolgen is geïnformeerd leidt - gelet op wat onder 4.15 hiervoor is overwogen - niet tot een ander oordeel. Daarbij komt dat de verkrijger en de vervreemder op grond van artikel 7:665a BW verplicht zijn om de eigen werknemers die bij de overgang betrokken zijn, tijdig te informeren. Voor zover Activate deze verplichting zou hebben geschonden, kan die tekortkoming niet aan Direct Result worden tegengeworpen.
De vordering tot wedertewerkstelling wordt afgewezen
In de dagvaarding heeft [eiser] ‘wedertewerkstelling in Haarlem’ gevorderd. Ter zitting heeft de gemachtigde van [eiser] laten weten dat hij dat verkeerd heeft gedaan en dat het ‘wedertewerkstelling’ had moeten zijn. De kantonrechter gaat voorbij aan het bezwaar van Direct Result tegen de eiswijziging. Een eis mag op grond van artikel 130 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) immers worden veranderd zolang de rechter geen eindvonnis heeft gewezen en Direct Result heeft niet gesteld (en dat is ook niet gebleken) dat de verandering in strijd met de goede procesorde is.
Ter zitting heeft Direct Result verklaard dat [eiser] nog steeds welkom is om op haar backoffice te komen werken. [eiser] heeft desgevraagd laten weten dat zij wel in Amsterdam wil werken mits het de juiste voorwaarden zijn. Zij heeft in dat verband toegelicht dat ze bij Activate voor het minimumloon werkte en met hen in onderhandeling was over een hoger loon, maar dat dat niet doorging vanwege de overgang. Verder heeft [eiser] toegelicht dat ze inmiddels bij een andere werkgever werkt, maar dat zij wel bij Direct Result aan het werk zou willen als ze goede voorwaarden bieden. [eiser] heeft niet concreet gemaakt wat volgens haar goede voorwaarden zijn. Zoals Direct Result terecht heeft opgemerkt geldt bij een overgang van onderneming als uitgangspunt dat de op het moment van de overgang bij de vervreemder geldende arbeidsvoorwaarden, door de verkrijger worden gerespecteerd. Direct Result heeft zich daartoe ook bereid verklaard. Nu uit voornoemde toelichting van [eiser] niet blijkt van een onvoorwaardelijke bereidheid om de werkzaamheden onder gelijkblijvende arbeidsvoorwaarden te verrichten, ziet de kantonrechter op dit moment geen aanleiding de vordering tot wedertewerkstelling toe te wijzen.
Omdat de loonvordering (en de vordering tot wedertewerkstelling) wordt afgewezen, zullen ook de daarmee verbonden nevenverzoeken (vaststelling arbeidsomvang ten behoeve van een correcte loonberekening, betaling vakantiegeld, wettelijke verhoging en rente) wegens gebrek aan belang worden afgewezen.
Proceskosten
Omdat beide partijen gedeeltelijk ongelijk krijgen, zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
5 De beslissing
De kantonrechter
verklaart voor recht dat tussen [eiser] en Direct Result sinds 1 september 2025 een arbeidsovereenkomst bestaat als gevolg van overgang van onderneming;
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
|
Dit vonnis is gewezen door mr. R.I.V. Scherpenhuijsen Rom en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum. |
||