Civiel recht overig

Rechtbank Noord-Holland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

Rechtbank Noord-Holland, 8 januari 2025

Zaakgegevens

Op 8 januari 2025 heeft de Rechtbank Noord-Holland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Alkmaar
Datum uitspraak
8 januari 2025
Datum publicatie
27 maart 2025
Zaaknummer
11185129
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:3345
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

verstekvonnis vrijwaring

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 11185129 / CV EXPL 24-2160

Uitspraakdatum: 8 januari 2025

Verstekvonnis van de kantonrechter in vrijwaring in de zaak van:

[eiser]

wonende te [woonplaats]

gedaagde in de hoofdzaak, eiser in vrijwaring

verder te noemen: [eiser]

gemachtigde: mr. J. de Haan

tegen

[gedaagde]

wonende te [woonplaats]

gedaagde in de hoofdzaak, gedaagde in vrijwaring

verder te noemen: [gedaagde]

niet verschenen

1 Het procesverloop

1.1.

Woningstichting Den Helder heeft bij dagvaarding van 22 februari 2024 een vordering tegen [eiser] en [gedaagde] ingesteld. [eiser] heeft [gedaagde] in vrijwaring gedagvaard. [gedaagde] is niet verschenen. Tegen [gedaagde] is verstek verleend.

2 In de hoofdzaak

2.1.

Bij vonnis van 18 december 2024 (zaaknummer: 10981751 CV EXPL 24-693) zijn [gedaagde] en [eiser] hoofdelijk veroordeeld om achterstallige huur te betalen aan Woningstichting Den Helder.

3 De vordering in vrijwaring

3.1.

[eiser] vordert [gedaagde] te veroordelen om aan [eiser] te voldoen datgene waartoe [eiser] als gedaagde in de hoofdzaak jegens Woningstichting Den Helder mocht worden veroordeeld, zulks met inbegrip van de kostenveroordeling en met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten van de vrijwaring inclusief de nakosten en de wettelijke rente. [eiser] legt aan de vordering ten grondslag dat hij een affectieve relatie met [gedaagde] heeft gehad maar dat aan deze relatie een einde is gekomen. Na het vonnis van 17 april 2023 is [eiser] uit de woning vertrokken. [eiser] ging er van uit dat Woningstichting Den Helder door de gemachtigde van [gedaagde] geïnformeerd zou worden over zijn vertrek. De huurachterstand is ontstaan na het vertrek van [eiser] daarom kan alleen [gedaagde] verantwoordelijk en aansprakelijk worden gehouden voor de verschuldigde huur.

4 De beoordeling

4.1.

De vordering wordt toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.

4.2.

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

€

273,44

- griffierecht

€

248,00

- salaris gemachtigde

€

271,00

(1 punt × € 271,00)

- nakosten

€

135,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

1.198,44

5 De beslissing

De kantonrechter:

In de vrijwaringszaak

5.1.

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen hetgeen dat [eiser] als gedaagde in de hoofdzaak jegens Woningstichting heeft betaald, met inbegrip van de proceskosten.

5.2.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.198,44, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.S. Reid en in het openbaar uitgesproken op 8 januari 2025.