Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland · Bodemzaak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 13 december 2023

Zaakgegevens

Op 13 december 2023 heeft de Rechtbank Noord-Holland in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Haarlem
Datum uitspraak
13 december 2023
Datum publicatie
13 oktober 2025
Zaaknummer
10733051 \ CV EXPL 23-6473
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2023:14268
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

betalingsachterstand

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 10733051 \ CV EXPL 23-6473

Uitspraakdatum: 13 december 2023

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

1 [eiser 1]

2. [eiser 2]

wonende te [plaats]

eiser

verder te noemen: [eisers]

gemachtigde: mr. M.E.M. Vermeij

tegen

de besloten vennootschap Solid Nature Industries B.V.

gevestigd te Aalsmeer

gedaagde

verder te noemen: SNI

verschenen bij: [betrokkene]

1 Het procesverloop

1.1.

[eisers] heeft bij dagvaarding van 27 september 2023 een vordering tegen SNI ingesteld.

1.2.

SNI heeft uitstel gevraagd voor het voeren van verweer. SNI heeft, na het verleende uitstel, niet meer gereageerd.

2 De vordering

2.1.

[eisers] vordert dat de kantonrechter SNI veroordeelt tot betaling van € 8.675,70. De vordering bestaat uit € 429,70 aan waterschapsbelasting, rente en buitengerechtelijke incassokosten van het jaar 2023, € 2.544,50 aan de huur, rente en buitengerechtelijke incassokosten van de huurmaand juli 2023, € 2.523,50 aan de huur, rente en buitengerechtelijke incassokosten van de huurmaand augustus 2023, € 21,00 aan rente van de maand september 2023 en € 3.157,00 aan een contractuele boete van € 41,00 per dag, berekend vanaf 1 juni 2023 tot en met 15 september 2023. [eisers] vordert daarnaast een vergoeding van € 2.100,00 voor iedere maand dat SNI in gebreke blijft met ontruiming van het gehuurde. Daarnaast vordert [eisers] de proces- en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

2.2.

[eisers] legt aan de vordering een tussen partijen gesloten huurovereenkomst ten grondslag. Uit hoofde van deze huurovereenkomst is SNI gehouden tot betaling van de overeengekomen huurprijs van € 2.100,00 per maand, bij vooruitbetaling te voldoen. Ondanks herhaalde aanmaning, heeft SNI het verschuldigde onbetaald gelaten. SNI is hierdoor tekortgeschoten in haar verplichting als huurder. Deze tekortkoming rechtvaardigt de ontbinding en ontruiming, aldus [eisers]. Hierdoor is SNI de buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd, alsmede de wettelijke rente.

3 De beoordeling

3.1.

SNI heeft, ondanks daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld, de vordering niet weersproken. De niet betwiste vordering zal daarom worden toegewezen, zoals hierna omschreven, behoudens het navolgende.

3.2.

Gelet op de ingrijpende gevolgen voor SNI wordt de ontruimingstermijn gesteld op veertien dagen na betekening van dit vonnis.

3.3.

De proceskosten komen voor rekening van SNI, omdat zij ongelijk krijgt. Daarbij wordt SNI ook veroordeeld tot betaling van € 132,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door [eisers] worden gemaakt, de gevorderde rente over de proceskosten zal worden toegewezen ingaande de 15e dag na de datum van betekening van dit vonnis.

4 De beslissing

De kantonrechter:

4.1.

ontbindt de tussen partijen bestaande huurovereenkomst;

4.2.

veroordeelt SNI om het perceel aan het adres [adres] [plaats] binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen, te verlaten met alle zich daarin en/of daarop bevindende personen en/of zaken - voor zover deze laatste niet het eigendom van [eisers] zijn - en onder overgave der sleutels ter vrije beschikking van [eisers] te stellen;

4.3.

veroordeelt SNI tot betaling aan [eisers] van € 429,70 ter zake de Waterschapsbelasting, rente en buitengerechtelijke incassokosten, berekend tot en met de huurmaand september 2023, te vermeerderen met de contractuele rente van 1% per maand voor de daarop volgende maanden, te berekenen over € 270,34, waarbij een gedeelte van een maand als volle maand wordt aangemerkt;

4.4.

veroordeelt SNI tot betaling aan [eisers] van € 2.544,50 ter zake de huurmaand juli 2023, rente en buitengerechtelijke incassokosten, berekend tot en met de huurmaand september 2023, te vermeerderen met de contractuele rente van 1% per maand voor de daarop volgende maanden, te berekenen over € 2.100,00, waarbij een gedeelte van een maand als volle maand wordt aangemerkt;

4.5.

veroordeelt SNI tot betaling aan [eisers] van € 2.523,50 ter zake de huurmaand augustus 2023, rente en buitengerechtelijke incassokosten, berekend tot en met de huurmaand september 2023, te vermeerderen met de contractuele rente van 1% per maand voor de daarop volgende maanden, te berekenen over € 2.100,00, waarbij een gedeelte van een maand als volle maand wordt aangemerkt;

4.6.

veroordeelt SNI tot betaling aan [eisers] van € 21,00 ter zake van de rente van 1% voor de huurmaand september 2023, berekend over een bedrag van € 2.100,00, waarbij een gedeelte van een maand als een volle maand is aangemerkt;

4.7.

veroordeelt SNI tot betaling aan [eisers] de huur over de maanden oktober 2023 en verder van € 2.100,00 per maand tot de datum van ontbinding van de huurovereenkomst, te vermeerderen met 1% rente per maand met ingang van de eerste dag van de betreffende maand, waarbij een gedeelte van een maand als een volle maand wordt aangemerkt;

4.8.

veroordeelt SNI tot betaling aan [eisers] van € 3.157,00 ter zake de contractuele boete, berekend tot en met 15 september 2023, te vermeerderen met een bedrag van € 41,00 per dag met ingang van 16 september 2023 tot de dag van algehele voldoening van SNI aan al haar betalingsverplichtingen;

4.9.

veroordeelt SNI tot betaling aan [eisers] van € 2.100,00 voor iedere maand of gedeelte van een maand dat SNI na ontbinding van de huurovereenkomst de woonruimte aan de aan het [adres] te [plaats] in gebruik houdt tot het moment dat SNI de woonruimte heeft ontruimd en met afgifte van alle sleutels ter vrije beschikking van [eisers] heeft gesteld, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag
€ 2.100,00 met ingang van de eerste dag van de betreffende maand;

4.10.

veroordeelt SNI tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van [eisers] tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 132,42

griffierecht € 244,00

salaris gemachtigde € 330,00 en veroordeelt SNI tot betaling van € 132,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door [eisers] worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente over de proceskosten ingaande de 15e dag na de datum van betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;

4.11.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

4.12.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter