Verbintenissenrecht

Eindvonnis na tussenvonnis. De eisende partij heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de kantonrechter met…

Rechtbank Noord-Holland, 9 april 2025

Zaakgegevens

Op 9 april 2025 heeft de Rechtbank Noord-Holland in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Haarlem
Datum uitspraak
9 april 2025
Datum publicatie
24 april 2025
Zaaknummer
10884350 \ CV EXPL 24-571
Procedure
Bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:4503
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Eindvonnis na tussenvonnis. De eisende partij heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de kantonrechter met betrekking tot de oneerlijkheid van de incassobedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden. Die incassobedingen zijn door de kantonrechter vernietigd en daarom zijn de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 10884350 \ CV EXPL 24-571

Uitspraakdatum: 9 april 2025

Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiser] B.V. tevens h.o.d.n. [bedrijf]

te [plaats 1]

de eisende partij

gemachtigde: mr. C.A.M.H. Vink

tegen

[gedaagde]

te gemeente [plaats 2]

de gedaagde partij

niet verschenen

1 De verdere procedure

1.1.

Bij tussenvonnis van 15 januari 2025 (hierna: het tussenvonnis) is de eisende partij in de gelegenheid gesteld om zich bij akte uit te laten over het voorshands uitgesproken oordeel over de oneerlijkheid van bepaalde bedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden. De eisende partij heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de kantonrechter.

2 De verdere beoordeling

2.1.

De kantonrechter blijft bij wat in het tussenvonnis is overwogen en beslist. Er bestaat geen aanleiding om daarop terug te komen.

2.2.

Gelet op het voorgaande vernietigt de kantonrechter de artikelen 10.2, 11.2, 11.3 en 11.4 van de algemene voorwaarden voor zover deze betrekking hebben op buitengerechtelijke incassokosten. Als gevolg daarvan worden de buitengerechtelijke incassokosten afgewezen.

3 De verdere beslissing

De kantonrechter:

3.1.

wijst de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.E. Oomens en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Algemene Voorwaarden van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiser] B.V., handelend onder de naam [bedrijf] (…).