Insolventierecht

Voorlopige voorziening. Gedeeltelijke toewijzing verzoek. Opschorting beslag op bankrekening.

Rechtbank Noord-Nederland, 8 oktober 2025

Zaakgegevens

Op 8 oktober 2025 heeft de Rechtbank Noord-Nederland in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
8 oktober 2025
Datum publicatie
24 november 2025
Zaaknummer
C/18/248815 / FT RK 25/1074 en C/18/248816 / FT RK
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2025:4790
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voorlopige voorziening. Gedeeltelijke toewijzing verzoek. Opschorting beslag op bankrekening.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie: Leeuwarden

zaaknummers: C/18/248815 / FT RK 25/1074 en C/18/248816 / FT RK 25/1075

beschikking van 8 oktober 2025

in de zaak van:

[verzoeker sub 1] , geboren op [geboortedatum] 1972 te [geboorteplaats ] en [verzoeker sub 2], geboren op [geboortedatum] 1972 te [geboorteplaats ] , beide wonende te [adres] , hierna te noemen verzoekers,

tegen

de stichting [verweerder], gevestigd en kantoorhoudende te [vestigingsplaats] , in deze vertegenwoordigd door Snijders Incasso, correspondentieadres: [adres]
[adres] , hierna te noemen de verweerder.

PROCESGANG

Op 6 oktober 2025 is door verzoekers tegelijk met het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling (hierna: WSNP) een verzoek ingediend tot het geven van een of meer voorlopige voorzieningen bij voorraad.

RECHTSOVERWEGINGEN

De gevraagde voorziening houdt in opschorting van het door verweerder gelegde conservatoire derdenbeslag op de tegoeden van verzoekers bij de Rabobank, ABN-AMRO en [bedrijf] BV. gedurende de periode dat de rechtbank nog niet op het ingediende WSNP-verzoek heeft beslist.

Verzoekers hebben aangevoerd dat de gevraagde voorziening bij voorraad noodzakelijk is omdat door de gelegde beslagen de betreffende bankrekeningen van verzoekers (tijdelijk) zijn geblokkeerd. Dit frustreert de mogelijkheid om de lopende verplichtingen na te komen in de aanvraagfase van de WSNP.

Verzoekers vrezen voorts dat verweerder ook nog derdenbeslag zal leggen op het inkomen van verzoekers. In dat geval zullen verzoekers niet meer in staat zijn om (een deel van) hun vaste lasten te voldoen. Om die reden wordt verzocht om algemene opschorting van het derdenbeslag.

De rechtbank overweegt als volgt.

De rechtbank kan een voorlopige voorziening geven als sprake is van spoedeisendheid in de zin van artikel 287 lid 4 Fw. Het is vaste rechtspraak dat deze spoedeisendheid, mede aan de hand van schriftelijke stukken, moet worden gemotiveerd. De voorziening is bedoeld ter overbrugging van de periode tussen de indiening van het verzoek tot toepassing van de Wsnp en de beslissing daarop.

De rechtbank is van oordeel dat de gevraagde voorziening voor zover die ziet op het gelegde conservatoire derdenbeslag op de bankrekeningen van verzoekers spoedeisend is en gezien het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling met het oog op het daarmee te bereiken doel gerechtvaardigd is. Door de (tijdelijke) blokkering van de bankrekeningen wordt de mogelijkheid om de lopende verplichtingen na te komen in de aanvraagfase van de WSNP gefrustreerd, zodat de gevraagde voorziening zal worden gegeven.

Voor wat betreft het verzoek om een algemene opschorting van het beslag omdat wordt gevreesd dat er ook nog loonbeslag zal worden gelegd, is de rechtbank van oordeel dat verzoekers onvoldoende hebben onderbouwd dat sprake is van spoedeisendheid. Er is nog geen loonbeslag gelegd. De enkele vrees dat (op enig moment) loonbeslag zal worden gelegd is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende om hiervan op voorhand opschorting te verzoeken.

Op het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling zal bij afzonderlijk vonnis worden beslist.

Dit leidt tot de volgende beslissing.

BESLISSING

De rechtbank

- schort tijdens de looptijd van deze voorziening het door verweerder gelegde conservatoire derdenbeslag op de tegoeden van verzoekers bij de Rabobank, ABN Amro en [bedrijf] BV op;

- bepaalt dat genoemde voorziening geldt voor de duur van één maand;

- bepaalt dat de voorziening in ieder geval vervalt op het moment dat het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt ingetrokken dan wel de beslissing op dat verzoek in kracht van gewijsde is gegaan;

- wijst het verzoek voor het overige af;

- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. D.J. Klijn en in het openbaar uitgesproken op
8 oktober 2025, in tegenwoordigheid van de griffier.

Door de verzoeker en door de in de procedure verschenen belanghebbenden kan hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden locatie Leeuwarden, te rekenen van de dag van de uitspraak en door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.