Insolventierecht

Afwijzing moratorium. Geen sprake van een acute dreigende situatie (art. 287b lid 2 Fw.)

Rechtbank Noord-Nederland, 5 augustus 2026

Zaakgegevens

Op 5 augustus 2026 heeft de Rechtbank Noord-Nederland in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Zittingsplaats
Assen
Datum uitspraak
5 augustus 2026
Datum publicatie
21 augustus 2026
Zaaknummer
NL:TZ:2616319:R-RK
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2026:3580
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Afwijzing moratorium. Geen sprake van een acute dreigende situatie (art. 287b lid 2 Fw.)

Uitspraak

RECHTBANK Noord-Nederland

Team Insolventie

Zittingsplaats Assen

Rekestnummer: NL:TZ:2616319:R-RK

Uitspraak van 5 augustus 2026

In de zaak van

[verzoekster] ,

geboren op [geboortedatum] 1992 te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] ,

verzoekster, hierna te noemen [verzoekster] ,

tegen

Stichting Woonborg, gevestigd te Vries, vertegenwoordigd door Deurwaarderskantoor Visser, gevestigd te Ratelaar 40, 3434 EW Nieuwegein,

verweerder, hierna te noemen Woonborg,

tot het treffen van een voorlopige voorziening op grond van artikel 287b lid 1 Faillissementswet (Fw).

Samenvatting

[verzoekster] heeft een verzoek ingediend tot het treffen van een voorlopige voorziening.

De rechtbank wijst het verzoek af.

1 De procedure

1.1

Het verloop van de procedure bestaat uit:

- het verzoek voorlopige voorziening op grond van artikel 287b lid 1 van de Fw inclusief bijlagen, ingediend samen met een verzoekschrift tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.

1.2

De uitspraak is bepaald op vandaag.

2 Het verzoek

2.1

[verzoekster] verzoekt de rechtbank om Woonborg te verbieden de huurovereenkomst voor de woonruimte op te zeggen of te ontbinden. [verzoekster] heeft aan het verzoek ten grondslag gelegd dat zij probeert tot een minnelijke schuldregeling met haar schuldeisers te komen.

3 Debeoordeling

3.1

Op grond van artikel 287b lid 2 Faillissementswet kan een moratorium slechts

worden toegewezen indien sprake is van een acute bedreigende situatie, te weten

een gedwongen woningontruiming, een afsluiting van energie of water, dan wel de

opzegging van de zorgverzekering. Uit de overgelegde stukken is gebleken dat een

concrete datum voor een ontruiming van de woning van verzoekster nog niet is

gepland en aangezegd. Nu een acute dreiging tot ontruiming ontbreekt, is niet

voldaan aan de wettelijke vereisten.

3.2

De gevraagde voorziening zal dan ook worden afgewezen. Verzoekster dient

binnen twee weken na heden aan te geven of het verzoek tot toepassing van de

schuldsaneringsregeling wordt gehandhaafd. Indien verzoekster niet binnen twee

weken reageert, zal het wsnp-verzoek als ingetrokken worden beschouwd.

4 Debeslissing

De rechtbank:

4.1

wijst het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening af.

Dit is de beslissing van mr. D.J. Klijn, rechter, in samenwerking met A.R. van der Sluis, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2026.