Personen- en familierecht

Verzoek om een rechterlijke machtiging op grond van artikel 24 WZD afgewezen nu betrokkene vrijwillige hulp…

Rechtbank Noord-Nederland, 10 februari 2020

Zaakgegevens

Op 10 februari 2020 heeft de Rechtbank Noord-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Zittingsplaats
Leeuwarden
Datum uitspraak
10 februari 2020
Datum publicatie
27 februari 2020
Zaaknummer
171094
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Advocaat
mr. A.A. Scholtmeijer te Heerenveen.
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2020:905
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verzoek om een rechterlijke machtiging op grond van artikel 24 WZD afgewezen nu betrokkene vrijwillige hulp alsnog aanvaart. Een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf is onder die omstandigheden niet gerechtvaardigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht

Locatie: Leeuwarden

Zaak-/rekestnr.: C/17/171094 / BZ RK 20-38

Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf

Beschikking van 10 februari 2020 naar aanleiding van het door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een rechterlijke machtiging voor de duur van zes maanden als bedoeld in artikel 24 e.v. van de Wet zorg en dwang (Wzd), ten aanzien van:

[cliënt] ,

geboren op [geboortedatum] ,

wonende [woonplaats] ,

hierna te noemen: cliënt,

advocaat: mr. A.A. Scholtmeijer te Heerenveen.

1 Procesverloop

1.1.

De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift van het CIZ, ingekomen bij de griffie op 24 januari 2020.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

- de medische verklaring, opgesteld en ondertekend door [psychiater] ,

d.d. 2 januari 2020;

- de aanvraag d.d. 9 januari 2020;

- het machtigingsformulier Wzd-aanvraag d.d. 22 januari 2020;

- het indicatiebesluit d.d. 21 juni 2019;

- de medische gegevens van de [huisarts] , waarin de diagnose is gesteld.

1.3.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 10 februari 2020, bij cliënt thuis op de [woonplaats] .

Daarbij zijn de volgende personen gehoord:

- cliënt, bijgestaan door mr. A.A. Scholtmeijer;

- [psychiater] , aanvrager/psychiater;

- [naam] , dochter van betrokkene;

- [naam] , dochter van betrokkene.

2 Beoordeling

2.1.

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat cliënt lijdt aan een psychogeriatrische aandoening gepaard gaand met een psychische stoornis.

2.3.

Ter zitting is echter gebleken dat er minder ingrijpende mogelijkheden zijn om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Gebleken is dat cliënt zich niet verzet tegen de noodzakelijk aangeboden zorg, waardoor er mogelijkheden zijn in het vrijwillige kader. Het verlenen van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf is niet gerechtvaardigd.

Het verzoek zal dan ook worden afgewezen.

3 Beslissing

De rechtbank:

3.1.

wijst af het verzoek om een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf ten aanzien van [cliënt] , geboren op [geboortedatum] .

Deze beschikking is op 10 februari 2020 mondeling gegeven door mr. G.J. Baken, rechter en in het openbaar uitgesproken bijgestaan door de griffier, en op 11 februari 2020 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

(fn: 656)

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.