Bestuursrecht overig
niet tijdig beslissen bodemzaak en vovo in Woo zaak.
Rechtbank Rotterdam, 29 augustus 2023
ECLI:NL:RBROT:2023:7782 · Rechtbank Rotterdam · 29 augustus 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/bestuursrecht/bestuursrecht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbrot-2023-7782
Zaakgegevens
Op 29 augustus 2023 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 29 augustus 2023
- Datum publicatie
- 31 augustus 2023
- Zaaknummer
- ROT 23/4240
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Bestuursrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2023:7782
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
niet tijdig beslissen bodemzaak en vovo in Woo zaak.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 23/4240
uitspraak van de voorzieningenrechter van 29 augustus 2023 als bedoeld in artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht in de zaak tussen
[naam verzoeker], te [plaatsnaam], verzoeker,
en
de Gemeenschappelijke Regeling Nieuw Reijerswaard, verweerder.
gemachtigden: mr. M.S. Houweling en mr. J.E. van der Holst
Procesverloop
Verzoeker heeft op 30 maart bij verweerder op grond van de Wet open overheid een verzoek gedaan.
Bij brief van 15 juni 2023 heeft verzoeker een beroepschrift ingediend wegens het uitblijven van een (volledig) besluit op dat verzoek en (op 14 juni 2023) tevens de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. De voorzieningenrechter doet met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Awb uitspraak zonder zitting.
2. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Bij uitspraak van heden, zaaknummer ROT 23/4239, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk.
3. Eiser heeft geen proceskosten gemaakt die voor vergoeding in aanmerking komen.
4. Voor een vergoeding van het griffierecht bestaat geen aanleiding. Het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening in een beroep niet tijdig beslissen is onnodig. En past naar zijn aard en termijn van afdoening niet in die procedure.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.R. Houweling, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. H. de Vries, griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 29 augustus 2023 .
griffier voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.