Strafrecht overig
ontnemingszaak, tussenvonnis, heropening onderzoek ter terechtzitting omdat er overeenstemming is bereikt…
Rechtbank Rotterdam, 6 december 2019
ECLI:NL:RBROT:2019:9568 · Rechtbank Rotterdam · 6 december 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbrot-2019-9568
Zaakgegevens
Op 6 december 2019 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 6 december 2019
- Datum publicatie
- 6 december 2019
- Zaaknummer
- 10/964013-12
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2019:9568
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
ontnemingszaak, tussenvonnis, heropening onderzoek ter terechtzitting omdat er overeenstemming is bereikt over een schikkingsbedrag en een betalingstermijn is overeengekomen.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Team straf 1
Parketnummer: 10/964013-12
Datum uitspraak (bij vervroeging): 6 december 2019
Tegenspraak
TUSSENVONNIS (ontneming)
van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, op de vordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht van de officier van justitie in de zaak tegen de veroordeelde:
[naam veroordeelde] ,
geboren op [geboortedatum veroordeelde] te [geboorteplaats veroordeelde] ,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres veroordeelde] ,
[woonplaats veroordeelde] ,
raadsvrouw mr. G.J.J.G. Stevens-Waltmans, advocaat te Roermond.
Onderzoek op de terechtzitting
Dit tussenvonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 31 oktober 2019.
Vordering
De vordering van de officier van justitie mr. L.S. van Haeringen strekt tot het vaststellen van het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht wordt geschat en tot het opleggen aan de veroordeelde van de verplichting tot betaling aan de staat van een geldbedrag ter ontneming van dat geschatte voordeel tot een maximum van € 290.444,07.
Overwegingen
Na sluiting van het onderzoek op 31 oktober 2019, waarbij uitspraak is bepaald op
12 december 2019, heeft de rechtbank van de officier van justitie en de raadsvrouw het bericht ontvangen dat overeenstemming is bereikt over een schikkingsbedrag en een betalingstermijn is overeengekomen.
Het onderzoek op de zitting is daarom niet volledig geweest en de rechtbank zal daarom het onderzoek op de zitting heropenen en voor onbepaalde tijd schorsen.
De zaak kan op (korte) termijn door de officier van justitie weer op zitting worden gepland als daar reden voor is.
Beslissing
De rechtbank:
- heropent het onderzoek ter terechtzitting;
- schorst het onderzoek voor onbepaalde tijd;
- beveelt de oproeping tegen een nadere terechtzitting van de veroordeelde en zijn raadsvrouw.
Dit tussenvonnis is gewezen door:
mr. J.H. Janssen, voorzitter,
en mrs. B.A. Cnossen en J.C.M. Persoon, rechters,
in tegenwoordigheid van M.J. Grootendorst, griffier,
en bij vervroeging uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 6 december 2019.