Strafrecht overig
ZEDEN. Veroordeling voor het in bezit hebben van en toegang verschaffen tot kinderpornografisch materiaal. De…
Rechtbank Rotterdam, 28 juli 2026
ECLI:NL:RBROT:2026:10182 · Rechtbank Rotterdam · 28 juli 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-rotterdam/strafrecht/strafrecht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-rbrot-2026-10182
Zaakgegevens
Op 28 juli 2026 heeft de Rechtbank Rotterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank RotterdamRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Datum uitspraak
- 28 juli 2026
- Datum publicatie
- 17 augustus 2026
- Zaaknummer
- 71-082746-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBROT:2026:10182
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
ZEDEN. Veroordeling voor het in bezit hebben van en toegang verschaffen tot kinderpornografisch materiaal. De rechtbank legt op een gevangenisstraf van 181 dagen waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaar in combinatie met een taakstraf van 240 uren, zoals geëist door de officier van justitie. Aan het voorwaardelijke deel van de gevangenisstraf worden de bijzondere voorwaarden gekoppeld zoals geadviseerd door de reclassering en de bijzondere voorwaarde dat de verdachte een donatie doet aan Offlimits.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Zittingsplaats Rotterdam
Meervoudige kamer strafzaken
Parketnummer: 71-082746-25
Datum uitspraak: 28 juli 2026
Datum zitting: 14 juli 2026
Tegenspraak
Verdachte:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 2001 in [geboorteplaats] ,
ingeschreven op het adres [adres 1] , [postcode 1] [woonplaats] .
Advocaat van de verdachte: mr. L. Noordanus
Officier van justitie: mr. T. Tanghe
Kern van het vonnis
De verdachte heeft kinderporno in zijn bezit gehad en zich daartoe de toegang verschaft. De rechtbank legt een gevangenisstraf op van 181 dagen waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaar in combinatie met een taakstraf van 240 uren, zoals geëist door de officier van justitie. De rechtbank verbindt aan het voorwaardelijke deel van de gevangenisstraf de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering, en de bijzondere voorwaarde dat de verdachte een donatie doet aan Offlimits.
1 Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij – samengevat – in de periode van 10 november 2019 tot en met 25 maart 2025 een gewoonte heeft gemaakt van het in bezit hebben van en zich de toegang verschaffen tot kinderpornografische afbeeldingen.
De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat:
hij,
op een of meer tijdstippen
in of omstreeks de periode van 10 november 2019 tot en met 25 maart 2025
te [plaats] , althans in Nederland,
meermalen, althans eenmaal,
(in de periode van 10 november 2019 tot en met 30 juni 2024, artikel 240b Wetboek van Strafrecht)
een of meer afbeeldingen en/of gegevensdragers, bevattende afbeeldingen, van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken en/of schijnbaar was betrokken
in bezit heeft gehad en/of
zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een
communicatiedienst de toegang daartoe heeft verschaft
en/of
(in de periode van 1 juli 2024 tot en met 25 maart 2025, artikel 252 Wetboek van
Strafrecht)
een of meer visuele weergaven van seksuele aard en/of met onmiskenbaar seksuele strekking waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt was betrokken of schijnbaar was betrokken
in bezit heeft gehad en/of
zich daartoe de toegang heeft verschaft
te weten een of meer afbeeldingen en/of visuele weergaven en/of gegevensdragers (bevattende afbeeldingen en/of weergaven), te weten:
- Desktop, goednummer [goednummer 1]
- Laptop Legion, goednummer [goednummer 2]
waarop te zien is dat:
die persoon oraal en/of vaginaal en/of anaal wordt gepenetreerd met een penis en/of vinger/hand en/of mond/tong en/of voorwerp
en/of
een ander persoon anaal wordt gepenetreerd met een voorwerp, door die persoon
en/of
het eigen lichaam oraal en/of vaginaal en/of anaal wordt gepenetreerd met een vinger/hand en/of voorwerp, door die persoon
(zie afbeeldingen nrs. #01, #02, #03, #04, #05, #06, #07, #08, #09, #10, #15, #16, #18, #19, #31 en #32 in de toonmap, behorende bij proces-verbaal [proces-verbaalnummer] (p. 66) en daarbij behorende bijlage II bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch beeldmateriaal, p. 76-77)
en/of
het geslachtsdeel en/of de billen en/of ander lichaamsdeel van die persoon met een vinger/hand en/of voorwerp en/of mond/tong wordt/worden aangeraakt
en/of
het geslachtsdeel en/of ander lichaamsdeel van een ander persoon met een mond/tong en/of vinger/hand wordt/worden aangeraakt door die persoon
en/of
die persoon het eigen geslachtsdeel en/of de eigen billen en/of de eigen borsten en/of ander eigen lichaamsdeel met een vinger/hand en/of voorwerp aanraakt
(zie afbeeldingen nrs. #01, #02, #06, #08, #10, #11, #12, #13, #14, #17, #29, #30, in de toonmap, behorende bij proces-verbaal [proces-verbaalnummer] (p. 66) en daarbij behorende bijlage II bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch beeldmateriaal, p. 76-77)
en/of
die persoon poserend of in een pose is afgebeeld, waarbij
- die persoon geheel of gedeeltelijk naakt is en/of gekleed is en/of in een omgeving en/of in een (erotisch getinte) houding op een wijze die niet bij haar leeftijd past en/of
- die persoon zich in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar kleding ontdoet en/of
- door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de uitsnede van de foto’s/films nadrukkelijk het geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld worden gebracht
(zie afbeeldingen nrs. #20, #21, #22, #23, #24, #25, #26, #27, #28, #33, in de toonmap, behorende bij proces-verbaal [proces-verbaalnummer] (p. 66) en daarbij behorende bijlage II bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch beeldmateriaal, p. 76-77)
en/of
bij/op het gezicht en/of het lichaam van die persoon sperma wordt gespoten
(zie afbeeldingen nr. #01, in de toonmap, behorende bij proces-verbaal [proces-verbaalnummer] (p. 66) en daarbij behorende bijlage II bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch beeldmateriaal, p. 76-77)
terwijl van het begaan van dit feit een beroep of gewoonte werd gemaakt.
2 Bewijs
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte moet worden veroordeeld voor het feit.
Standpunt van de verdediging
De verdediging heeft zich ten aanzien van de bewezenverklaring gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank, met dien verstande dat zij een nuancering aanbrengt ten aanzien van de reikwijdte van de gewoonte en de pleegperiode.
Oordeel van de rechtbank
Bewezenverklaring en bewijsmiddelen
Bewezen is dat de verdachte kinderpornografische afbeeldingen in zijn bezit heeft gehad en/of zich daartoe de toegang heeft verschaft. De volledige bewezenverklaring is vermeld in paragraaf 2.3.2.
De bewezenverklaring is gebaseerd op de inhoud van de bewijsmiddelen. De verdachte heeft het feit bekend en er is geen vrijspraak bepleit. De ‘nuancering’ van de verdediging is geen uitdrukkelijk onderbouwd standpunt tot vrijspraak. Daarbij merkt de rechtbank ten overvloede op dat de bewezenverklaring van de gewoonte en de pleegperiode volgt uit de inhoud van de bewijsmiddelen. Daarom worden de bewijsmiddelen hieronder wel genoemd maar niet uitgeschreven.
-
De verklaring van de verdachte tijdens de zitting van 14 juli 2026.
-
Het proces-verbaal Beschrijving kinderpornografisch materiaal (240b/252 Sr) met bijlagen, met documentcode [proces-verbaalnummer] uit onderzoek [onderzoeksnaam] .
Volledige bewezenverklaring
Bewezen is dat:
hij,
op tijdstippen
in de periode van 10 november 2019 tot en met 25 maart 2025
in Nederland,
meermalen
in de periode van 10 november 2019 tot en met 30 juni 2024, (artikel 240b Wetboek
van Strafrecht)
een of meer afbeeldingen en/of gegevensdragers, bevattende afbeeldingen, van een
seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog
niet had bereikt, was betrokken
in bezit heeft gehad en/of
zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een
communicatiedienst de toegang daartoe heeft verschaft
en/of
in de periode van 1 juli 2024 tot en met 25 maart 2025, (artikel 252 Wetboek van
Strafrecht)
een of meer visuele weergaven van seksuele aard en/of met onmiskenbaar seksuele
strekking waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet
had bereikt was betrokken
in bezit heeft gehad en/of
zich daartoe de toegang heeft verschaft
te weten een of meer afbeeldingen en/of visuele weergaven en/of gegevensdragers
(bevattende afbeeldingen en/of weergaven), te weten:
- Desktop, goednummer [goednummer 1]
- Laptop Legion, goednummer [goednummer 2]
waarop te zien is dat:
die persoon oraal en/of vaginaal en/of anaal wordt gepenetreerd met een penis
en/of vinger/hand en/of mond/tong en/of voorwerp
en/of
een ander persoon anaal wordt gepenetreerd met een voorwerp, door die persoon
en/of
het eigen lichaam oraal en/of vaginaal en/of anaal wordt gepenetreerd met een
vinger/hand en/of voorwerp, door die persoon
(zie afbeeldingen nrs. #01, #02, #03, #04, #05, #06, #07, #08, #09, #10, #15, #16, #18,
#19, #31 en #32 in de toonmap, behorende bij proces-verbaal [proces-verbaalnummer] (p.
66) en daarbij behorende bijlage II bij het proces-verbaal beschrijving
kinderpornografisch beeldmateriaal, p. 76-77)
en/of
het geslachtsdeel en/of de billen van die persoon met een
vinger/hand en/of voorwerp en/of mond/tong wordt/worden aangeraakt
en/of
het geslachtsdeel van een ander persoon met een mond/tong en/of vinger/hand wordt aangeraakt door die persoon
en/of
die persoon het eigen geslachtsdeel en/of de eigen billen en/of de eigen borsten met een vinger/hand en/of voorwerp aanraakt
(zie afbeeldingen nrs. #01, #02, #06, #08, #10, #11, #12, #13, #14, #17, #29, #30, in de
toonmap, behorende bij proces-verbaal [proces-verbaalnummer] (p. 66) en daarbij
behorende bijlage II bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch
beeldmateriaal, p. 76-77)
en/of
die persoon poserend of in een pose is afgebeeld, waarbij
- die persoon geheel of gedeeltelijk naakt is
en/of
- door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de uitsnede van de
foto’s/films nadrukkelijk het geslachtsdeel van die persoon in beeld wordt gebracht
(zie afbeeldingen nrs. #20, #21, #22, #23, #24, #25, #26, #27, #28, #33, in de toonmap,
behorende bij proces-verbaal [proces-verbaalnummer] (p. 66) en daarbij behorende bijlage
II bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch beeldmateriaal, p. 76-77)
en/of
op het gezicht van die persoon sperma wordt gespoten
(zie afbeeldingen nr. #01, in de toonmap, behorende bij proces-verbaal
[proces-verbaalnummer] (p. 66) en daarbij behorende bijlage II bij het proces-verbaal
beschrijving kinderpornografisch beeldmateriaal, p. 76-77)
terwijl van het begaan van dit feit een gewoonte werd gemaakt.
3 Kwalificatie en strafbaarheid
Kwalificatie
Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:
in de periode van 10 november 2019 tot en met 30 juni 2024:
een afbeelding/gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben/zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang daartoe verschaffen, terwijl van het begaan van dit feit een gewoonte wordt gemaakt
en
in de periode van 1 juli 2024 tot en met 25 maart 2025:
een visuele weergave van seksuele aard/met een onmiskenbaar seksuele strekking, waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben/zich de toegang daartoe verschaffen, terwijl van het begaan van dit feit een gewoonte wordt gemaakt.
Strafbaarheid van het feit en van de verdachte
Het feit en de verdachte zijn strafbaar.
4 Straffen
Eis van de officier van justitie
De verdachte moet worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 181 dagen waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaar. Aan het voorwaardelijke deel moeten de bijzondere voorwaarden worden verbonden zoals geadviseerd door de reclassering en daarnaast de bijzondere voorwaarde dat de verdachte een donatie doet van € 1.000,- aan Stichting Offlimits, welke donatie in 10 termijnen van telkens € 100,- kan worden voldaan. Daarnaast moet de verdachte worden veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis.
Standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft primair verzocht geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen, maar een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering, in combinatie met een taakstraf van 240 uren. Een proeftijd langer dan 3 jaar is volgens de raadsvrouw niet noodzakelijk. Subsidiair is verzocht om een onvoorwaardelijke gevangenisstraf te beperken tot de kortst mogelijke duur.
Oordeel van de rechtbank
Ernst en omstandigheden van het feit
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het zich via internet toegang verschaffen tot en het vervolgens in bezit hebben van kinderporno gedurende een langere periode van enkele jaren. Op zijn gegevensdragers zijn 5.125 visuele weergaven aangetroffen waarop seksuele handelingen te zien zijn met of door minderjarige kinderen. Het zoeken naar en het bezit van kinderporno is verwerpelijk omdat bij de vervaardiging ervan kinderen seksueel worden misbruikt en geëxploiteerd. Zulk misbruik doorkruist een normale seksuele ontwikkeling en kan voor minderjarigen ernstige gevolgen hebben, waar zij nog lange tijd last van kunnen hebben. Naast het misbruik is het voor slachtoffers ook schadelijk dat de afbeeldingen op het internet lange tijd blijven rondgaan. Door het online op zoek gaan naar, downloaden en in bezit hebben van kinderporno heeft de verdachte eraan bijgedragen dat het grove seksuele misbruik van kinderen in stand blijft. De verdachte heeft hier geen oog voor gehad.
Persoon en persoonlijke omstandigheden
Uit het strafblad (uittreksel justitiële documentatie) van 17 juni 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor strafbare feiten.
In het rapport van Reclassering Nederland van 28 april 2026 staat, samengevat, het volgende. Bij een veroordeling adviseert de reclassering een (deels) voorwaardelijke straf met als bijzondere voorwaarden een meldplicht, een ambulante behandelverplichting, het meewerken aan dagbesteding en het vermijden van digitale omgevingen van seksueel kindermisbruik en het toelaten van controle daarop. Hoewel de verdachte een first offender is, herkent de reclassering een delictpatroon met betrekking tot het bezit van kinderpornografisch materiaal, gezien de lange pleegperiode. De reclassering constateert risicofactoren op het gebied van dagbesteding, psychosociaal functioneren en houding. Deze factoren worden tevens als delict gerelateerd aangemerkt. De verdachte ontbreekt het aan een constructieve dagbesteding en hij heeft de diagnose PDD-NOS. De verdachte is willens en wetens doorgegaan met het zoeken en kijken naar kinderpornografisch materiaal, zelfs nadat de politie hem informeerde over de onderhavige verdenkingen.
Daarnaast zijn er volgens de reclassering zorgen op het gebied van relaties. De verdachte heeft nooit een relatie gehad en heeft geen seksuele ervaringen opgedaan, wat mogelijk aandacht behoeft tijdens een behandeltraject. Bij bewezenverklaring beschouwt de reclassering het onvermogen van de verdachte tot het aangaan van een intieme volwassen relatie als risicofactor. De reclassering constateert een seksuele preoccupatie. De verdachte kijkt soms dagenlang porno en het vermoeden bestaat dat hij seks als coping mechanisme gebruikt om met (negatieve) emoties om te gaan. Het is positief dat de verdachte vrijwillig is gestart met de behandeling bij Transfore en dat hij openstaat voor begeleiding. Alles overziend acht de reclassering het noodzakelijk om een plan van aanpak op te stellen om te werken aan gedragsverandering en het recidiverisico te verminderen.
Ook op de terechtzitting constateert de rechtbank dat de verdachte, ondanks het stigma daarop, een zeer open houding heeft over zijn verslaving/problematiek, daarin ook oprecht verandering lijkt te willen brengen, en het kwalijke van zijn handelen inmiddels inziet en hoe dat bijdraagt aan het in stand houden van kindermisbruik.
Oplegging straffen
Gelet op de ernst van het strafbare feit is een gevangenisstraf noodzakelijk. De rechtbank volgt ten aanzien van de duur hiervan de eis van de officier van justitie, wat maakt dat aan de verdachte een gevangenisstraf zal worden opgelegd van 181 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk. De voorwaardelijke straf heeft als doel te voorkomen dat de verdachte in de toekomst opnieuw een strafbaar feit pleegt. Ook het onvoorwaardelijke deel van één dag draagt bij aan dit doel: hierdoor realiseert de verdachte zich in welke situatie hij langdurig terechtkomt als hij de voorwaarden van zijn straf schendt.
De rechtbank verbindt aan de voorwaardelijke straf de bijzondere voorwaarden die de reclassering heeft geadviseerd, en de bijzondere voorwaarde dat de verdachte een donatie doet aan Offlimits van € 500,-.
De bijzondere voorwaarden zijn noodzakelijk om de kans op herhaling van het plegen van nieuwe strafbare feiten te verkleinen. Gelet op de langdurige hulp en begeleiding die de verdachte nodig heeft, acht de rechtbank een proeftijd van 5 jaar aangewezen. De door de reclassering voorgestelde mogelijkheid tot gedwongen medicatie bij de behandeling wordt echter niet opgelegd door de rechtbank. Gelet op de hoge mate van inbreuk op de lichamelijke integriteit van de verdachte mag van de noodzaak daartoe een behoorlijke onderbouwing worden verwacht, die in dit geval ontbreekt.
Gelet op de ernst van het feit legt de rechtbank daarnaast een taakstraf op van 240 uren (subsidiair 120 dagen hechtenis) zoals geëist door de officier van justitie.
5 Wettelijke voorschriften
De oplegging van deze straffen is gebaseerd op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 240b (oud), 252 en 254 van het Wetboek van Strafrecht.
6 Beslissingen
De rechtbank:
Bewezenverklaring
verklaart bewezen dat de verdachte het feit, zoals in hoofdstuk 2 is omschreven, heeft gepleegd;
Kwalificatie en strafbaarheid
stelt vast dat het bewezenverklaarde oplevert het in hoofdstuk 3 vermelde strafbare feit;
verklaart de verdachte strafbaar;
Straffen
Gevangenisstraf
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 181 (honderdeenentachtig) dagen;
Taakstraf
veroordeelt de verdachte tot een taakstraf van 240 (tweehonderdveertig) uur, waarbij de reclassering bepaalt uit welke werkzaamheden deze taakstraf zal bestaan;
beveelt dat, voor het geval de verdachte de taakstraf niet (goed) verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 (honderdtwintig) dagen;
Voorwaardelijk strafdeel
bepaalt dat 180 (honderdtachtig) dagen van de gevangenisstraf niet ten uitvoer zullen worden gelegd, tenzij de rechter later anders beslist;
verbindt hieraan een proeftijd, die wordt gesteld op 5 (vijf) jaar, waarbij tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke gedeelte van de straf kan worden beslist als de verdachte een van de onderstaande voorwaarden niet naleeft;
stelt als algemene voorwaarde dat:
- de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maakt;
stelt als bijzondere voorwaarden dat:
1. de verdachte zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. Voor de eerste afspraak meldt de verdachte zich binnen drie dagen nadat de proeftijd is ingegaan bij Reclassering Nederland op het adres [adres 2] , [postcode 2] [stad] ;
2. de verdachte zich gedurende de proeftijd laat behandelen door Transfore of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op psychische problematiek, verslavingsproblematiek, cognitieve vaardigheden, sociale vaardigheden en seksueel grensoverschrijdend gedrag;
3. de verdachte zich gedurende de proeftijd inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
4. de verdachte gedurende de proeftijd:
a. digitale omgevingen vermijdt waarin hij in aanraking kan komen met kinderpornografisch materiaal;
b. digitale omgevingen vermijdt waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd;
c. geen gebruik maakt van virtuele machines, versleutelprogramma’s (zoals Bitlocker, Veracrypt) of applicaties die helpen de identiteit te verbergen (zoals een VPN), tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het gebruik (zoals voor werk of voor bankzaken);
d. inzicht geeft in de wijze waarop hij de omgevingen genoemd onder a en b zal vermijden en bespreekt hoe dit verlopen is voor het verstreken deel van de proeftijd.
Het toezicht op de naleving van de onderdelen a. tot en met c. beperkt zich tot geautomatiseerde controles van digitale apparaten (zoals computers, smart devices, USB-sticks, SD-kaarten, externe harde schijven) waarop bestanden kunnen worden opgeslagen en/of waarmee internet kan worden benaderd en die de verdachte in gebruik heeft. De verdachte werkt mee aan deze controles tijdens (on)aangekondigde huisbezoeken en verschaft toegang tot alle aanwezige digitale apparaten die de verdachte in gebruik heeft. Hieronder wordt begrepen het verstrekken van wachtwoorden, codes of andere wijzen van ontgrendeling of ontsluiting zoals vingerafdrukken, die nodig zijn voor toegang. Op verzoek past de verdachte de instellingen zodanig aan dat controle mogelijk is. De wijzigingen mogen niet leiden tot definitieve wijzigingen aan het apparaat en worden aan het einde van de controle weer teruggezet. De controles worden uitgevoerd door de reclassering. Indien en voor zover noodzakelijk mag de reclassering voor ondersteuning op technisch en digitaal gebied een specialist, niet zijnde een opsporingsambtenaar meenemen. De controles mogen gedurende de proeftijd maximaal drie keer per het aantal jaren proeftijd worden uitgevoerd, waarbij de persoonlijke levenssfeer van de verdachte zoveel mogelijk wordt geëerbiedigd. De controles strekken er in het bijzonder niet toe een min of meer volledig beeld te krijgen van het persoonlijke leven van de verdachte;
5. de verdachte binnen 6 maanden na het onherroepelijk worden van dit vonnis een bedrag van € 500,- overmaakt op rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van Offlimits te Amsterdam, waarbij de verdachte de officier van justitie een bewijs van die betaling(en) stuurt onder vermelding van parketnummer
71-082746-25;
geeft opdracht aan de reclassering om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden genoemd onder 1 tot en met 5 en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden. Hierbij gelden als voorwaarden dat de verdachte:
-
meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs ter inzage aanbiedt om de identiteit vast te stellen;
-
meewerkt aan reclasseringstoezicht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt.
7 Samenstelling rechtbank en ondertekening
Dit vonnis is gewezen door:
mr. L. Daum, voorzitter,
en mrs. M.J.C. Spoormaker en I.M. Braam, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. M.M. Dijk, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 28 juli 2026.
mr. I.M. Braam is niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.