Verbintenissenrecht
Verzoek om herstel wegens een rekenfout. Herstelverzoek wordt toegewezen.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 8 november 2023
ECLI:NL:RBZWB:2023:8166 · Rechtbank Zeeland-West-Brabant · 8 november 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-zeeland-west-brabant/civiel-recht/verbintenissenrecht/bodemzaak/ecli-nl-rbzwb-2023-8166
Zaakgegevens
Op 8 november 2023 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over verbintenissenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-BrabantRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Tilburg
- Datum uitspraak
- 8 november 2023
- Datum publicatie
- 23 november 2023
- Zaaknummer
- 10333476 CV EXPL 23-551 (H)
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Verbintenissenrecht
- Procedure
- BodemzaakBodemzaakDe gewone procedure waarin de rechter definitief over het geschil beslist, in tegenstelling tot een kort geding of voorlopige voorziening.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBZWB:2023:8166
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verzoek om herstel wegens een rekenfout. Herstelverzoek wordt toegewezen.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Cluster I Civiele kantonzaken
Tilburg
Zaaknummer: 10333476 CV EXPL 23-551
(herstel)vonnis d.d. 8 november 2023
inzake
de besloten vennootschap SECURITY MONITORING CENTRE B.V. ,
statutair gevestigd te Tiel ,
eisende partij,
gemachtigde: AGIN Timmermans Gerechtsdeurwaarders te Bergen op Zoom ,
tegen
1 de vennootschap onder firma [gedaagde sub 1] ,
gevestigd en kantoorhoudende te [adres] ,
2. [gedaagde sub 2] ,
vennoot van gedaagde sub 1,
wonende te [adres] ,
3. [gedaagde sub 3] , vennoot van gedaagde sub 1,
wonende te [adres] ,
gedaagde partijen,
procederend in persoon.
Partijen worden hierna SMC en de VOF (in vrouwelijk enkelvoud) genoemd.
1 Het verloop van het geding
De procesgang blijkt uit de volgende stukken:
a. het vonnis van de kantonrechter te Tilburg van 6 september 2023, met de daarin genoemde stukken;
b. de brief van 21 september 2023 van de gemachtigde van SMC;
c. de brieven van de griffier van 3 oktober 2023;
d. het e-mailbericht van 24 oktober 2023 van de VOF.
2 Het geschil en de beoordeling
De gemachtigde van SMC heeft bij brief van 21 september 2023 verzocht om herstel van voormeld vonnis. Zij heeft daartoe aangevoerd dat uit het lichaam van het vonnis volgt dat de verkeerde bedragen in het dictum zijn opgenomen.
De VOF is in de gelegenheid gesteld op het herstelverzoek te reageren. Zij heeft bij voornoemd e-mailbericht niet inhoudelijk op het herstelverzoek gereageerd. Zij geeft aan hoe het procesverloop in haar ogen is verlopen, waarbij zij zich afvraagt of zij niet te kort is gedaan door de rechtbank. Daarnaast is zij van mening dat er geen rekening is gehouden met haar standpunt.
De kantonrechter is met betrekking tot het herstelverzoek van oordeel dat er sprake is van een kennelijke fout, die zich leent voor eenvoudig herstel zoals bedoeld in artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Uit het lichaam van de dagvaarding volgt immers duidelijk dat de in het dictum genoemde bedragen onjuist zijn.
De kantonrechter overweegt voor het overige dat het begrijpelijk is dat de VOF het niet eens is met de uitkomst van de procedure, maar dat dit niet van belang is voor de beoordeling van het herstelverzoek. Voor de volledigheid merkt de kantonrechter het volgende op. Voor zover de VOF met haar stelling, dat zij geen proceshandelingen meer hoefde te verrichten en niet meer hoefde te verschijnen, doelt op de mededelingen in de brief van de rechtbank van 12 april 2023, gold dit tot aan het vonnis van 31 mei 2023. Uit dat vonnis volgt immers dat haar standpunt in de beoordeling is meegenomen en dat dientengevolge nog geen eindvonnis kon worden gewezen. Tevens volgt uit dat vonnis dat de VOF in de gelegenheid wordt gesteld op de door SMC ingediende akte te reageren. Bij brief van 28 juni 2023 is zij daar ook toe in de gelegenheid gesteld.
Beslist wordt als volgt.
3 De beslissing
De kantonrechter:
volhardt bij de inhoud van het tussen partijen op 31 mei 2023 gewezen vonnis met bovenvermeld zaaknummer, met dien verstande dat de in de beslissing opgenomen bedragen worden aangepast:
-
van € 390,93 naar € 420,93;
-
van € 336,03 naar € 366,03;
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 8 november 2023 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 6 september 2023;
bepaalt dat de griffier dit vonnis hecht aan de minuut van het vonnis van 6 september 2023 en van deze vonnissen als één geheel afschrift respectievelijk grosse verstrekt.
Dit vonnis is gewezen door mr. Tilman-Knoester en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2023.