12 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieDiefstal, art. 310 Sr. Eventuele opname in zorginstelling als bijzondere voorwaarde, art. 14c.2.10 en…
Hoge Raad|1 september 2026|ECLI:NL:HR:2026:1377
volgende bepalingen zijn van belang. - Artikel 14c lid 2, aanhef en onder 10º en 11°, Sr: “Bij toepassing van artikel 14a kunnen voorts de volgende bijzondere voorwaarden worden gesteld, waaraan de veroordeelde … voorwaarde van een ambulante behandelverplichting (als bedoeld in artikel 14c lid 2, aanhef en onder 11°, Sr) heeft bepaald dat in het geval bij de verdachte sprake is van een terugval
- Strafrecht overigConclusie AG. Ontnemingszaak. Falend middel over de verwerping van een UOS over de schatting van het…
Parket bij de Hoge Raad|16 juni 2026|ECLI:NL:PHR:2026:597
januari 2020, Stb. 2017, 82 en Stb. 2019, 507). Op grond van art. 36e lid 11 Sr zoals dat sinds 1 januari 2020 geldt, bepaalt de rechter bij de oplegging … gewezen op 16 juli 2024 en dus na de bovengenoemde wijziging van art. 36e lid 11 Sr op 1 januari 2020. Het hof heeft echter niet de duur van de gijzeling bepaald
- Strafrecht overigConclusie AG. Diefstal. Middel over bijzondere voorwaarde met behandelverplichting. De voorwaarde bevat de…
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2026|ECLI:NL:PHR:2026:518
over het verplicht innemen van medicijnen tijdens een ambulante behandeling (artikel 14c lid 2 sub 11 Sr). HR 27 mei 2025, ECLI:NL:HR:2025:775, NJ 2025/227 m.nt. Vegter … deze voorwaarde niet in strijd is met artikel 14c lid 2, aanhef en onder 11°, Sr of met artikel 8 EVRM. In dat verband is nog van belang
- Strafrecht overigHoger beroepOntneming 36e Sr. Het hof houdt rekening met verbeurdverklaring in gelijktijdige uitspraak strafzaak…
Gerechtshof Amsterdam|9 juli 2026|ECLI:NL:GHAMS:2026:1874
mindering op de betalingsverplichting. Gijzeling Op grond van artikel 36e lid 11 Sr dient de rechtbank in het ontnemingsvonnis, met toepassing van artikel 6:6:25 Wetboek van Strafvordering (Sv), te bepalen
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOntneming artikel 36e lid 1 Sr. Door middel van of uit baten van het in de strafzaak bewezenverklaarde…
Rechtbank Den Haag|24 februari 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:3641
bedrag van € 302.437,24. De rechtbank zal toepassing geven aan artikel 36e lid 11 Sr. Op grond hiervan dient de rechter thans bij de oplegging van de maatregel de duur
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOntnemingsvordering. Wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op € 13.519,00. Betalingsverplichting…
Rechtbank Den Haag|17 juni 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:20287
vanwege overschrijding van de redelijke termijn De rechtbank zal toepassing geven aan artikel 36e lid 11 Sr. Op grond hiervan dient de rechter thans bij de oplegging van de maatregel de duur
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOplegging van ontnemingsmaatregel ter hoogte van € 86.491,14.
Rechtbank Den Haag|22 april 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:9663
bedrag van € 86.491,14 . De rechtbank zal toepassing geven aan artikel 36e lid 11 Sr. Op grond hiervan dient de rechter thans bij de oplegging van de maatregel de duur
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOntnemingsvordering. Wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op € 16.408,31. Betalingsverplichting…
Rechtbank Den Haag|17 juni 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:20290
bedrag in de strafzaak. De rechtbank zal toepassing geven aan artikel 36e lid 11 Sr. Op grond hiervan dient de rechter thans bij de oplegging van de maatregel de duur
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOplegging van ontnemingsmaatregel ter hoogte van € 188.538,28.
Rechtbank Den Haag|22 april 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:9657
bedrag van € 188.538,28 . De rechtbank zal toepassing geven aan artikel 36e lid 11 Sr. Op grond hiervan dient de rechter thans bij de oplegging van de maatregel de duur
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOntneming. Wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op € 84.711,37. Aanschafwaarde verdovende middelen en…
Rechtbank Den Haag|15 mei 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:13946
Ontneming. Wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op € 84.711,37. Aanschafwaarde verdovende middelen en verbeurdverklaarde voorwerpen in mindering gebracht op de betalingsverplichting. De betalingsverplichting is door de rechtbank vastgesteld op € 35.667,07.
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigOntnemingsvordering. Wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op € 66.549,35. Betalingsverplichting…
Rechtbank Den Haag|17 juni 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:20294
Ontnemingsvordering. Wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op € 66.549,35. Betalingsverplichting vastgesteld op € 63.221,88 in verband met overschrijding redelijke termijn.
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDiefstal van zeven scootmobielen; diefstal met behulp van valse sleutels; herkenning op camerabeelden…
Rechtbank Den Haag|1 oktober 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:29050
Diefstal van zeven scootmobielen; diefstal met behulp van valse sleutels; herkenning op camerabeelden; benadeelde partijen.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.