Civiel recht overig
Civiel, vertragingsrente, rentepercentage.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 25 maart 2026
ECLI:NL:OGEAA:2026:188 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 25 maart 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/civiel-recht-overig/bodemzaak/ecli-nl-ogeaa-2026-188
Zaakgegevens
Op 25 maart 2026 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in een bodemzaak uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 25 maart 2026
- Datum publicatie
- 7 augustus 2026
- Zaaknummer
- AUA202101651
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BodemzaakBodemzaakDe gewone procedure waarin de rechter definitief over het geschil beslist, in tegenstelling tot een kort geding of voorlopige voorziening.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2026:188
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Civiel, vertragingsrente, rentepercentage.
Uitspraak
Vonnis van 25 maart 2026
Behorend bij A.R. AUA202101651 BB
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
[Eiser in conventie, verweerder in reconventie],
te Aruba,
eiser in conventie, verweerder in reconventie,
hierna ook te noemen: [eiser in conventie, verweerder in reconventie],
gemachtigde: mr. P.M.E. Mohamed,
tegen:
[Gedaagde in conventie, eiseres in reconventie],
te Aruba,
gedaagde in conventie, eiseres in reconventie,
hierna ook te noemen: [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie],
gemachtigde: mr. R.L.F. Dijkhoff
1 HET VERDERE VERLOOP VAN DE PROCEDURE
Na het tussenvonnis van 17 december 2026 heeft het Gerecht kennisgenomen van:
- de akte uitlating van [eiser in conventie, verweerder in reconventie],
- de akte uitlating van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie],
- de akte uitlating van [eiser in conventie, verweerder in reconventie].
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.
2 DE VERDERE BEOORDELING
Alles wat in de tussenvonnissen is overwogen geldt als hier herhaald en ingelast.
In het laatste tussenvonnis is geoordeeld dat partijen nu onderling kunnen afrekenen. Blijkens de aktes zijn partijen het daarmee eens. Er resteert een geschilpunt, namelijk de hoogte van de vertragingsrente. Daarover stelt [eiser in conventie, verweerder in reconventie] dat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] zelf uitgaat van een rentepercentage van 26%. Dat leest het Gerecht echter niet in het verweerschrift. Daarin wordt enkel naar dat percentage verwezen om te illustreren dat door [eiser in conventie, verweerder in reconventie] een opgeblazen vordering is gepresenteerd in deze procedure. Het Gerecht zal dus de wettelijke rente toewijzen.
Eiser in conventie, verweerder in reconventie] wordt dus veroordeeld tot terugbetaling van Afl. 1.750,00, minus de wettelijke rente die [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] eventueel nog is verschuldigd. Dat moeten partijen zelf uitrekenen. Het verpande horloge moet door [eiser in conventie, verweerder in reconventie] worden teruggegeven. Als dat niet binnen 14 dagen na dit vonnis gebeurt dan moet de waarde van Afl. 1.275,00 door [eiser in conventie, verweerder in reconventie] aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] worden vergoed.
Aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] worden de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten niet toegewezen omdat onvoldoende is gebleken dat er genoeg werkzaamheden voor toewijzing daarvan zijn verricht.
Als overwegend in het ongelijk gestelde partij wordt [eiser in conventie, verweerder in reconventie] in de proceskosten van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] veroordeeld.
3 DE UITSPRAAK
Het gerecht:
veroordeelt [eiser in conventie, verweerder in reconventie] tot terugbetaling van Afl. 1.750,00 aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] waarop in mindering strekt de eventuele wettelijke rente die zij aan hem verschuldigd is geworden door niet tijdig de hoofdsom van de lening terug te betalen,
veroordeelt [eiser in conventie, verweerder in reconventie] om het verpande horloge binnen 14 dagen na heden aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] terug te geven
en als hij dat horloge niet teruggeeft:
veroordeelt [eiser in conventie, verweerder in reconventie] tot betaling van Afl. 1.275,00, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 14 dagen na heden tot de dag van algehele betaling,
veroordeelt [eiser in conventie, verweerder in reconventie] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] begroot op Afl. 50,00 aan griffierecht en Afl. 2.500,00 aan salaris gemachtigde,
verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door A.J.J. van Rijen, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 maart 2026 in aanwezigheid van de griffier.