Strafrecht overig
Vuurwerk De economische politierechter heeft de verdachte ter zake van het opzettelijk voorhanden hebben van…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 6 juli 2022
ECLI:NL:GHARL:2022:5622 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 6 juli 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-arnhem-leeuwarden/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-gharl-2022-5622
Zaakgegevens
Op 6 juli 2022 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-LeeuwardenGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 6 juli 2022
- Datum publicatie
- 1 juli 2022
- Zaaknummer
- 21-004443-19
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHARL:2022:5622
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Vuurwerk
De economische politierechter heeft de verdachte ter zake van het opzettelijk voorhanden hebben van twee stuks professioneel vuurwerk, bestemd voor particulier gebruik, veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van € 300,-, met een proeftijd van 2 jaren.
Het hof is van oordeel dat de economische politierechter op juiste gronden heeft beslist. Het hof heeft het vonnis waarvan beroep met overneming van die gronden bevestigd.
Uitspraak
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-004443-19
Uitspraak d.d.: 6 juli 2022
TEGENSPRAAK
Arrest van de economische kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden,
zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis
van de economische politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 12 augustus 2019 met parketnummer 18-670001-18 in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
wonende te [woonplaats] .
Het hoger beroep
De officier van justitie heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 22 juni 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot bevestiging van het vonnis waarvan beroep, met uitzondering van de opgelegde voorwaardelijke geldboete, die vervangen dient te worden door een taakstraf voor de duur van 28 uren, subsidiair 14 dagen hechtenis. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman,
mr. N.A. Heidanus, naar voren is gebracht.
Het vonnis waarvan beroep
De economische politierechter heeft bij vonnis van 12 augustus 2019, waartegen het hoger beroep is gericht, de verdachte ter zake van het op 28 december 2017 en op 1 januari 2018 te [plaats] opzettelijk voorhanden hebben van 2 stuks professioneel vuurwerk, bestemd voor particulier gebruik, veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van € 300,-, met een proeftijd van 2 jaren.
Het hof is van oordeel dat de economische politierechter op juiste gronden heeft beslist. Het hof zal het vonnis dan ook met overneming van die gronden bevestigen.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep.
Aldus gewezen door
mr. J.J. Beswerda, voorzitter,
mr. O. Anjewierden en mr. L.J. Hofstra, raadsheren,
in tegenwoordigheid van G.A. Boersma, griffier,
en op 6 juli 2022 ter openbare terechtzitting uitgesproken.