Strafrecht overig
Gepubliceerd naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad onder ECLI:NL:HR:2021:1839.
ECLI:NL:GHDHA:2017:1414 · Gerechtshof Den Haag · 3 mei 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-den-haag/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghdha-2017-1414
Zaakgegevens
Op 3 mei 2017 heeft het Gerechtshof Den Haag in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof Den HaagGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 3 mei 2017
- Datum publicatie
- 19 mei 2017
- Zaaknummer
- 22-005155-15
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHDHA:2017:1414
Samenvatting
Gepubliceerd naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad onder ECLI:NL:HR:2021:1839.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 3 mei 2017deze uitspraak
ECLI:NL:GHDHA:2017:1414
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 19 oktober 2021
ECLI:NL:PHR:2021:872Hoge Raad · 7 december 2021
ECLI:NL:HR:2021:1839
Uitspraak
Inhoudsopgave
Rolnummer: 22-005155-15
Parketnummer: 10-149280-15
Datum uitspraak: 3 mei 2017
VERSTEK
Gerechtshof Den Haag
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 18 november 2015 in de strafzaak tegen de verdachte:
[verdachte],
geboren op [plaats] op [datum] 1994,
adres: [adres].
De vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep van 3 mei 2017 gevorderd dat de niet ter terechtzitting in hoger beroep verschenen verdachte
niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
De verdachte heeft niet een schriftuur met grieven tegen het vonnis ingediend. Evenmin heeft hij ter terechtzitting in hoger beroep mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof ziet ambtshalve geen redenen voor een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door mr. E.F. Lagerwerf-Vergunst, mr. C.G.M. van Rijnberk en mr. R.F. de Knoop, in bijzijn van de griffier mr. A.F. Verbunt.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 3 mei 2017.
Mr. R.F. de Knoop is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.