Arbeidsrecht

Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding, art…

Hoge Raad, 10 oktober 2025

Zaakgegevens

Op 10 oktober 2025 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over arbeidsrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10 oktober 2025
Datum publicatie
9 oktober 2025
Zaaknummer
24/04663
Rechtsgebied
Civiel recht Arbeidsrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Advocaat
S.F Sagel, M.A.J.G. Janssen
ECLI
ECLI:NL:HR:2025:1541
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding, art. 7:669 lid 1 BW en art. 7:669 lid 3 onder g BW; verwijtbaarheid. Billijke vergoeding, art. 7:671b lid 9 onder c BW; causaal verband, uitleg gedingstukken, motivering.

Procesgang

  1. Gerechtshof Den Haag · 1 oktober 2024

    ECLI:NL:GHDHA:2024:1643
  2. Conclusie A-G · 29 augustus 2025

    ECLI:NL:PHR:2025:617
  3. Hoge Raad · 10 oktober 2025deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2025:1541

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 24/04663

Datum 10 oktober 2025

BESCHIKKING

In de zaak van

[werkneemster],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

hierna: Werkneemster,

advocaat: S.F. Sagel,

tegen

STICHTING ALBERT SCHWEITZER ZIEKENHUIS,

gevestigd te Dordrecht,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: ASz,

advocaat: M.A.J.G. Janssen.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de beschikking in de zaak 10091140 HA VERZ 22-74 van de rechtbank Rotterdam van 16 december 2022;

b. de beschikking in de zaak 200.324.481/01 van het gerechtshof Den Haag van 1 oktober 2024.

Werkneemster heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.

ASz heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [werkneemster] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [werkneemster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van ASz begroot op € 873,-- aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [werkneemster] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Deze beschikking is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, S.J. Schaafsma en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 10 oktober 2025.